Zweetpartijtje in de kelder van Dynamo met Kaboutertje Putlucht

Nieuwe plaat, oude chaos

Kaboutertje Putlucht
  • Thomas van Mil

Met de eerste voorzichtige lentedagen van dit jaar achter de rug spelen Nijmeegse culthelden Kaboutertje Putlucht en Popronde-afgestudeerden Fellatio in de bloedhete, uitverkochte basement van Dynamo.  De hoofdreden is de nieuwe munitie waarmee Kaboutertje Putlucht vandaag aantreedt. Hun nieuwe album HOE DIEP IS EEN PUT? kwam een paar weken geleden uit en dit is de bijbehorende tour. De nieuwe plaat is gevoeliger dan hun eerdere werk, vanavond zien we of dat live ook overkomt.

Fellatio trapt af. Vocalist Abel neemt zijn positie vooraan in en krijst wat woordloze kreten de zaal in. Zijn podiumpresentatie balanceert ergens tussen erotisch danser, manische episode en vastberaden scheepsmatroos. Het toffe aan de show is dat het in één keer doorvloeit. Er wordt niet gekletst tussen de nummers door, maar de band lijmt alle rammelende grooves strak aan elkaar. Dat gebrek aan praatjes maakt frontman Abel alleen nog maar mysterieuzer, terwijl hij met een strakke blik door het publiek wandelt. De band houdt zich knap staande, ondanks de hitte. De drummer en bassist creëren met zijn tweeën een volle krautrock-sound en beuken energiek door, Abels shirt gaat vroeg uit. Het publiek knikt vooral mee, energie lijkt gespaard te worden voor de hoofdact. Fellatio voelt echt als een complete live-act; het spelen van de vele Popronde-shows heeft ze erg goed gedaan.

Na een korte pauze waarin menig bezoeker buiten naar adem hapt, gaan we door met Kaboutertje Putlucht. Het trio speelt een mix van punk, rave en gabber met smoezelig-grove teksten. Frontman Barry stapt nonchalant het podium op, alsof hij de zaal al voor zich gewonnen heeft. Die aanname klopt. Vooral hun grootste hit KINDJE SLAAN wordt met gejuich ontvangen. Die zit vroeg in de set, “dan kunnen we daarna slechte muziek maken”, verklaart Barry. De nieuwe richting die de band inslaat op het verse album, waarop de grapjes plaatsmaken voor persoonlijkere thema’s, komt live nog niet echt over. “Het is een grappige transitie die we hebben gemaakt van feestband naar de gevoeligste punkband ooit” zegt Barry, maar dat gevoel landt nog niet helemaal. De ietwat afstompende beats (ze zijn moeilijk uit elkaar te houden), die wel degelijk stompen, helpen niet mee. Het contrast tussen harde muziek en persoonlijke thema’s kan heel goed werken, maar teksten die vaker willen choqueren dan raken leiden af en gaan vervelen.

Maar hoe erg is dat, als de zaal nog steeds losgaat?  Bij de laatste paar nummers weet de geluidsman blijkbaar opeens de volumeknop te vinden.  Glasbak en Henny Roast krijgen daardoor een extra duwtje. Kaboutertje Putlucht is zichzelf opnieuw aan het uitvinden, maar dat vraagt nog werk. Gelukkig werkt de oude formule prima.