Jera on Air 2026: de acht beste acts van de zaterdag

met o.a. Ray Fuego, Kanonenfieber en Viagra Boys

  • Alicia Walkowiak
  • Anke van Rhee

De laatste dag was het opnieuw zweten geblazen op Jera. Toch trotseerden de festivalgangers het extreme weer en viel er enorm veel te genieten. We bezochten de uithoeken van de line-up en zagen een underdog er met de hoofdprijs vandoor gaan.

  1. Ray Fuego

    -
    © Roel Janssen

    Hoewel Ploegendienst misschien een meer logische naam op de line-up van Jera On Air was geweest, staat vandaag frontman Ray Fuego solo in de Raven. Dat blijkt uiteindelijk allesbehalve een teleurstelling. De tent is bij aanvang niet overvol en met Ploegendienst had hij waarschijnlijk meer publiek aangetrokken. Toch lijkt Ray daar geen moment mee bezig. Hij spreekt meerdere keren zijn waardering uit voor iedereen die wél is gekomen. Die waardering is wederzijds, want de aanwezige fans kennen de teksten woord voor woord en rappen moeiteloos mee.

    Vanaf het eerste nummer hangt er een energieke sfeer. Waterpistolen vliegen door de lucht, er ontstaat een geïmproviseerde moshpit en de dansbare beats zorgen ervoor dat vrijwel niemand stil blijft staan. Ray zoekt voortdurend het contact met het publiek en weet de energie moeiteloos hoog te houden. Het levert zelfs een spectaculaire stagedive inclusief salto op. Halverwege de set maakt Ray ook ruimte voor zijn nieuwe project Radio Z. Het publiek blijkt daar al goed mee bekend. Zodra de kreet “schud wat je hebt gekregen” door de tent klinkt, chant de hele Raven luidkeels mee en geeft iedereen daar ook zeker gehoor aan. De temperatuur loopt razendsnel op.

    Juist doordat deze show misschien niet de meest voor de hand liggende boeking van het festival is, voelt het optreden extra bijzonder. Ray Fuego laat zien dat hij ook zonder zijn vaste band moeiteloos een festivalpubliek weet te mee te krijgen. Een onverwacht, maar bijzonder uurtje op deze laatste festivaldag. (Anke van Rhee)

  2. Papa Roach

    -
    © Sylvie Vencken

    Papa Roach is vanavond een waardige headliner. De band zet een grootse show neer, speelt de grote hits en ook de nieuwere nummers komen live prima uit de verf. Vernieuwend is het allemaal niet; Papa Roach blijft trouw aan de sound waarmee de band begin deze eeuw doorbrak. Jammer dat het hier en daar wat ingestudeerd overkomt, maar net als The Offspring bewijst Papa Roach vooral één ding: dit blijft simpelweg uitstekend festivalvoer. (Alicia Walkowiak)

    Lees de hele recensie
  3. Kanonenfieber

    -
    © Sylvie Vencken

    Waar veel metalbands fictieve verhalen vertellen, richt Kanonenfieber zich op de grimmige werkelijkheid van de Eerste Wereldoorlog. Het Duitse blackened deathmetalproject gebruikt dagboeken, brieven en historische bronnen als inspiratiebron en laat daarmee de menselijke kant van oorlog zien. Zowel het podium als de bandleden zijn volledig in stijl en direct bij opener ‘Menschenmühle’ vliegen de pyro-effecten om de oren, terwijl een tank op het podium de eerste salvo’s afvuurt.

    Helaas lijkt de geluidsman bezweken aan de hitte, want aanvankelijk is het geluid bijzonder slecht. De basdrum staat zo hard dat de zang nauwelijks te horen is en we de tent bijna uit trillen. Het publiek trekt zich daar weinig van aan en schreeuwt enthousiast mee wanneer ‘Die Fastnacht der Hölle’ wordt ingezet: “Links, zwo, drei, vier!”

    Gelukkig verbetert het geluid later in de set. Vanaf ‘Der Maulwurf’ komt ook de sterke samenzang van de bandleden goed uit de verf. Daarna wordt het podium razendsnel omgebouwd en veranderen de loopgraven ineens in een duikboot. ‘Kampf und Sturm’, gevolgd door ‘Z-Vor’, laat de tent opnieuw op zijn grondvesten schudden. Opvallend is hoe snel Kanonenfieber is uitgegroeid tot een publieksfavoriet. Ook op Jera On Air, waar de band qua sound toch wat buiten de gebaande paden valt, worden de nummers massaal meegezongen.

    Afsluiten gebeurt met ‘Die Havarie’, waarbij de hele tent luidkeels “Ahoi!” meebrult. Jammer van de geluidsproblemen in het begin, want achter alle camouflage en gasmaskers schuilt een van de meest veelbelovende bands binnen de hedendaagse heavyscene. (Alicia Walkowiak)

  4. Bob Vylan

    -
    © Roel Janssen

    Zoals inmiddels traditie is bij Bob Vylan begint de show met een gezamenlijke meditatiesessie. Van de eerste rij tot achter in de tent doet vrijwel iedereen fanatiek mee met de rek- en strekoefeningen. Een bijzondere manier om op te warmen, maar het werkt en is zeer welkom na 2 nachten in een tentje. Zodra de warming-up voorbij is, ontploft de tent volledig. Bij 'He’s A Man' verandert de hele Buzzard in een mega springende en meezingende mensenmassa. De energie is enorm.

    Dat gaat soms letterlijk ten koste van spullen. Telefoons raken zoek in de chaos, maar Bobby fungeert tussendoor nog even tot lost & found én waterpunt. Regelmatig deelt hij flesjes water uit aan het publiek en hij helpt een fan met het terugvinden van hun telefoon. De band geeft veel om hun fans. Tijdens de show bedankt Bob Vylan het Nederlandse publiek nadrukkelijk voor de blijvende steun ondanks alle ophef van de afgelopen tijd. Het applaus dat volgt laat horen dat die waardering volledig wederzijds is.

    Helaas komt er vroegtijdig een einde aan de set wanneer een incident in het publiek medische hulp vereist. Nadat de situatie onder controle is, mag de band nog één nummer spelen, maar een groot deel van het publiek is dan al vertrokken richting Papa Roach. Een jammer einde van een optreden dat opnieuw liet zien waarom Bob Vylan weer helemaal terug is. (Anke van Rhee)

  5. Imminence

    -
    © Roel Janssen

    Imminence heeft de afgelopen jaren een geheel eigen plek binnen de metalcore veroverd. De Zweden combineren zware riffs en moderne metalcore met de vioolpartijen van frontman Eddie Berg, wat hun muziek een opvallend melodische en filmische dimensie geeft. Sinds albums als Heaven In Hiding en The Black groeit de band gestaag door naar de Europese top van het genre.  

    De band trapt vandaag af met ‘Temptation’, waarbij de toon direct gezegd wordt. Metalcore, maar met een sterk melancholisch randje door het gebruik van de viool. Ook de nieuwste single ‘The Sword That Never Bends’ wordt gespeeld, een stevig nummer dat start met een heavy riff en leidt tot een flinke moshpit voorin. Berg wisselt clean vocals en screams moeiteloos af. Afgesloten wordt er natuurlijk met ‘The Black’, toch wel het meesterwerk van deze band. (Alicia Walkowiak)

  6. Ronker

    -
    © Sylvie Vencken

    In een Sparrow waar de temperatuur nog verrassend aangenaam is, is het de beurt aan de Belgische band Ronker. Met een GoPro op de gitaar gemonteerd staan de heren klaar om alles te geven. Nog voordat de eerste officiële noot gespeeld is zit de sfeer er al goed in. Tijdens de soundcheck krijgt de band het publiek al aan het zingen met een stukje 'I Miss You' van Blink-182, waarna ook Clouseau uit volle borst wordt meegebruld. 

    Twee jaar geleden stond Ronker ook al op dit podium en toen maakten ze een enorm goede indruk. Inmiddels is duidelijk dat dat geen toeval was. Onder de klanken van Justin Timberlakes iconische 'SexyBack' betreden de bandleden het podium. Een perfecte opwarmer voor wat volgt, drie kwartier lang losgaan. 

    Vanaf de eerste nummers klopt alles. De performance is wederom overtuigend en binnen vijf minuten verandert de Sparrow al in een zwetende massa van moshpits. Tijdens 'Slow Murder' verschijnen ook de eerste crowdsurfers boven het publiek. Terwijl de temperatuur in de tent met de minuut verder oploopt en het langzaam meer weg heeft van een stoombad, weigeren zowel de band als het publiek om het daardoor rustiger aan te doen. Voor de band is het de eerste show met nieuwe gitarist, maar daar is op het podium niets van te merken. Hij doet het geweldig, het is dan ook zijn derde jaar op rij op Jera. 

    Met een snippet van 'Wonderwall' komt de set ten einde. Ronker bewijst opnieuw hoeveel talent onze zuiderburen in huis hebben. Eén ding is na deze show duidelijk: de volgende keer verdient deze band een groter podium. (Anke van Rhee)

  7. La Dispute

    -
    © Sylvie Vencken

    Sinds het verschijnen van Wildlife geldt La Dispute als een van de meest invloedrijke bands binnen het post-hardcoregenre. De Amerikanen onderscheiden zich met de spoken-wordachtige vocalen van Jordan Dreyer, intense emotionele verhalen en nummers die vaak meer weg hebben van literaire vertellingen dan traditionele songs. Vanavond opent de band met ‘I Shaved My Head’, dat mooi opbouwt en waarbij de emotie direct voelbaar is. Die intensiteit laat de band vervolgens geen moment meer los. Tekstueel zijn de nummers ook prachtig. Neem bijvoorbeeld ‘Sibling Fistfight at Mom’s Fiftieth / The Un-Sound: “It's that tension underneath / From the absence in between / An undercurrent tunneled into nothing.” Pure poëzie.

    Het is een optreden zonder veel poespas, waarin de muziek volledig voor zich spreekt. De enige onderbreking komt na ‘King Park’, wanneer Dreyer de tijd neemt om het publiek toe te spreken over de huidige maatschappij en een oproep doet voor vrijheid, gelijkheid en respect. ‘King Park’ is bovendien opnieuw een voorbeeld van hun briljante songwriting. Het nummer vertelt het verhaal van een schietpartij waarbij een kind per ongeluk wordt doodgeschoten. De tekst beschrijft niet alleen chronologisch wat er gebeurt, maar kruipt tussendoor ook in het hoofd van de dader: “Can I still get into Heaven if I kill myself? / Can I ever be forgiven 'cause I killed that kid?” Indrukwekkend hoe La Dispute zo'n zwaar verhaal op zo'n poëtische manier weet te vertellen.

    Afsluiten doet de band met ‘Andria’, dat opnieuw mooi opbouwt en richting het einde alle remmen losgooit. Daarna volgt nog ‘Such Small Hands’. De emotie waarmee Dreyer “I think I saw you in my sleep, darling” zingt, blijft nog lang in de tent hangen. Dit was niet zomaar een optreden, maar een soort collectieve emotionele ontlading. (Alicia Walkowiak)

  8. Viagra Boys

    -
    © Sylvie Vencken

    Viagra Boys is misschien niet de meest voor de hand liggende naam op de line-up van Jera On Air, maar juist daarom voelt deze boeking zo bijzonder. Eerder dit jaar speelde de band nog een AFAS plat, nu is het de beurt aan de festivaltent in Ysselsteyn. Bij aanvang oogt de tent nog verrassend leeg. Toch trekken de Zweden zich daar niets van aan en openen ze direct overtuigend met 'Man Made of Meat'. Er wordt volop gedanst, luid meegezongen en het is muzikaal gewoon top.

    Langzaam stroomt de tent voller, zonder dat het echt té druk wordt. Dat is misschien juist wel ideaal, want de muziek van Viagra Boys vraagt eerder om dansruimte dan om een overvolle mensenmassa. Frontman Sebastian Murphy is ondertussen weer volledig zichzelf. Nadat hij zelf vertelt dat hij zojuist 24 bitterballen heeft weggewerkt begint hij met zijn kenmerkende dansmoves, buik vooruit en volledig shirtloos zoals we hem kennen. Waar andere frontmannen crowdsurfen, kiest Murphy voor een alternatieve aanpak, hij gaat op het publiek liggen. Al zingend geniet hij zichtbaar van een momentje ‘crowdchillen’. Vanuit het publiek komt dan juist werkelijk weer alles voorbij: crowdsurfende kinderen, rolstoelen en alles daartussenin.

    Misschien puilt de tent niet uit, maar dat doet uiteindelijk niks af aan de show. Viagra Boys bewijst dat je geen overvolle zaal nodig hebt om het beste optreden van deze festivaldag neer te zetten. (Anke van Rhee)


Ook gezien:

Even If We Lose

Hoewel de leden oorspronkelijk uit Griekenland komen, vindt Even If We Lose tegenwoordig zijn thuisbasis in de regio Eindhoven. De band heeft dit jaar Guts & Glory, de band battle van Jera gewonnen en mag daarom deze dag openen. Even If We Lose vertaalt persoonlijke verhalen over verandering, verlies en nieuwe beginnen naar meeslepende postmetal vol atmosferische gitaarlagen, shoegaze-invloeden en explosieve uitbarstingen. Live vertaalt zich dit in een set waar melancholie en agressie voortdurend met elkaar botsen. De emotie is voelbaar en ook zichtbaar op het gezicht van de frontman, zeker als hij gehurkt voor op het podium zit. Bij ‘Marching Blue Giants’ laat hij het hele publiek hurken terwijl hij zelf met tranen in ogen op de grond zit. Kippenvel! (AW)

WIJF

Met hun slogan "Woest, Wakko, Wijf" laat het Gentse viertal weinig ruimte voor misverstanden. WIJF mengt stonerrock en punk tot een geluid dat even groovy als onvoorspelbaar klinkt, terwijl frontvrouw Marie moeiteloos schakelt tussen mooie, heldere melodieën en pure ontlading. Op Jera On Air brengt WIJF precies het soort rauwe energie dat zich moeilijk laat temmen in een veel te warme Sparrow, met nummers als ‘Maniac’ en ‘Hysterical’ die er bovenuit springen. (AW)

Doodseskader

Doodseskader, bestaande uit Tim de Gieter en Sigfried Burroughs, bewijzen dat een gitaar, drums en een flinke dosis creativiteit voldoende zijn om een muur van geluid neer te zetten. Hun mix van sludge, hardcore, noise, hiphop en elektronica laat zich moeilijk in een hokje plaatsen, maar maakt juist daarom zoveel indruk. De band vervangt vandaag Harm’s Way, waarvan de gitarist eerder dit jaar uit het leven stapte. Doodseskader begint dan vandaag ook met een mooi eerbetoon aan Bo Lueders en Harm’s Way.

Vandaag ligt de focus op de nummers van het meest recente album The Change Is Me. Er wordt geopend met ‘Glass Mask On’ en ‘Celebrity Culture Simp Farm’. Het nieuwere werk leunt wat meer op hiphop dan de oudere nummers, maar zonder aan kracht in te boeten. Het is nog steeds rauw en heavy. Het meest briljante nummer blijft misschien toch wel ‘FLF’, waarbij Engels, Nederlands en Frans worden afgewisseld. Het duurt maar twee minuten en desondanks krijgt de band het voor elkaar om een sterke opbouw met invloeden van hiphop, metal en techno erin te verwerken. (AW)

All Time Low

Op de laatste festivalavond is het tijd voor een flinke dosis nostalgie. All Time Low behoort al jaren tot de absolute iconen binnen de poppunk en waar hun grootste hits normaal gesproken tijdens een emo night uit volle borst worden meegezongen, gebeurt dat vandaag gewoon met de band zelf op het podium. Wel moeten de Amerikanen het doen zonder gitarist Jack Barakat, die vanwege een blessure thuis is gebleven. Gelukkig doet dat weinig af aan de show. Dankzij de refreinteksten die op de schermen verschijnen verandert het optreden in één grote poppunk-singalong.

Het absolute hoogtepunt volgt natuurlijk tijdens 'Dear Maria, Count Me In'. Tijdens het refrein overstemt het publiek de band moeiteloos en tot ver buiten de tent wordt het nummer luidkeels meegezongen. Muzikaal zit het goed in elkaar en de klassiekers blijven klassiekers. Vernieuwend is het allemaal niet, maar soms is een uur vol herkenbare poppunk-hits precies waar een festivalpubliek behoefte aan heeft op dat moment. (AvR)