Rhodé Vree: “Ik doe nu dingen die ik drie jaar geleden niet durfde.”
Een interview over rouw, Letland en haar maakproces

Tekenen, grafisch vormgeven, in performances spelen: Rhodé Vree doet het allemaal, maar is ook een singer-songwriter van Nederlandse indiepop. Sober georkestreerd zingt de Noordwijkse over het gemis van haar overleden moeder, beklemmende kaders en vrouwenonveiligheid in een mannenwereld. Ze bracht de EP ‘Mond Vol Moed’ uit en staat op 3 september in Nobel bij Club 3voor12 Leiden. We spraken haar over rouw, Letland, videoclips en haar maakproces.
Ontbolsteren
Er zit iets heel ouds in mij en mijn muziek.

Rhodé Tavenier (Leiden, 1995) groeide op in Noordwijk in een conservatief-christelijk kunstenaarsgezin, als jongste van acht kinderen. Als hobby was muziek financieel en ideologisch goed. Niet alle muziek, maar de voorliefdes van haar spiritueel zoekende moeder: “Geen popmuziek, maar Bach, Orthodox-Russische zang en Taizé-liederen. Als puber vond ik dat vreselijk, maar ze zijn onderdeel van mijn bewustzijn geworden – er zit iets ouds in mij en mijn muziek. Toch maak ik geen Taizé-liederen – nóg niet,” lacht Rhodé. Ze vervolgt: “Tegenwoordig begin ik mijn moeder beter te begrijpen. Ik word bijvoorbeeld nu ook erg rustig van mantra’s luisteren en zingen.” Ze kreeg jarenlang zang- en pianoles, nu reuzehandig.
Na de middelbare school overwoog ze zich aan te melden voor het conservatorium, maar er haar werk van maken leek haar zwaar, dus werd het grafische vormgeving aan de kunstacademie. Daarvoor had ze muziek als eindexamenvak aan het College Leeuwenhorst in Noordwijkerhout: “Ik was nooit blootgesteld aan de muzikale popcultuur, dus ik merkte: ik leef onder een steen.” Langzaam kwamen er meer muzikale invloeden in Rhodé’s leven. Haar broers luisterden naar hardstyle en hardcore (“stiekem, want dat was van de Duivel”), en via haar zus Tirsa leerde ze The Kooks, Green Day en Amy Winehouse kennen. Op de kunstacademie ging ze daarna door met het ontdekken van alternatieve muziek.
Mutter
We hebben een andere taal voor rouw nodig.

Wat een belangrijk thema in haar werk zou worden: rond Rhodé’s afstuderen “werd mamma ziek,” zoals ze zegt. Haar moeder Carolien had uitgezaaide kanker; Rhodé verzorgde haar in de anderhalf jaar die ze nog had. “Ik ben er heel dankbaar voor, het was heel intiem. Alleen iemands kern blijft over. Daardoor werd ze heel open en zacht. Ze beïnvloedt me door hoe ze was, ook door haar scherpe blik op kunst.”
Tijdens haar moeders ziekte is Rhodé dagelijks gaan schrijven, wat uitmondde in liedteksten: ‘Zie Mij’, ‘Honger Naar Troost’ en ‘Sta Op En Ga’ grijpen allemaal terug op dit onderwerp. Ze wilde eerder al muziek maken, “Ik heb veel woorden en voel heel veel,” maar ze had er de middelen nog niet voor. Ze vroeg zich ook af: kan dat wel, juist nu? Het wegvallen van haar moeder gaf Rhodé echter het gevoel dat ze haar leven niet mag verspillen, dus ging ze door aanmoedigingen van een goede vriendin aan de slag met haar artiestendroom: “Het moest er gewoon uit.”
Ze begon met akkoorden leren van die vriendin. “Alsof je nog nooit een taart hebt gebakken en dan meekijkt hoe anderen een taart bakken. Muzikaal was ik maar een beginner,” zegt ze bescheiden. “De techniek moest ik inhalen, al begrijp ik die steeds beter. Ik vroeg me steeds af: ‘Hoe doe je dit? Hoe maak je dit?’ Daarom zoek ik goede mensen om me heen om van te leren, zoals mijn producer, Pepijn van der Kooij.”
Na haar moeders “geboortedag in de hemel” met kerst 2020 rouwde Rhodé natuurlijk. In ‘Zie Mij’ zingt ze: “Ogen rood / gauw weer door / geef je nooit bloot”, en in ‘Honger naar Troost’: “Hoe kun je houden van / zonder te bloeden?” Ze ervaart de omgang met rouw als ongemakkelijk en pijnlijk. Daar meer ruimte voor maken is een missie: “We zeggen ‘sterkte’. Je moet dus sterk zijn en alles moet terug naar normaal. We hebben daar echt andere taal nodig.”
The Let of the Land
Letland en het Lets beginnen in mijn muziek te kruipen.

Ze pendelt op en neer tussen Noordwijk en Letland. Daar is ze autonoom kunstenaar en geeft er kunst- en taallessen. Hoe kwam ze in dat land van ruimte en bossen terecht? Ze blijkt meegegaan met haar Letse vriend Armands, die ze op de kunstacademie leerde kennen. De taalobservaties van haar studenten wakkeren haar liefde voor taal aan: “Als ik in Nederland gebleven was, had ik mijn taal en mijn land niet zo gemist.”
Een aankomend nummer, ‘Svešā Zemē’ (‘In Een Vreemd Land’), heeft trouwens een primeur. Daarin wisselt ze Lets en Nederlands af. “De taal en het land beginnen in mijn muziek te kruipen,” merkt ze. Je kunt het op de Clubavond horen, want dan zal ze het ook zingen.
Het Voordeel Van Video
Ik wil niet iets dóén, ik wil iets erváren.

Rhodé's clips zijn heel bijzonder. Daarin zit bijvoorbeeld een wezen met omzwachteld gezicht (geïnspireerd door de Japanse nouvelle vague-klassieker The Face of Another), een modderwezen en een sinistere kermis. Het handschrift van deze aparte esthetiek ontwikkelden regisseur Maarten de Bruijne en zij samen. “We zochten naar beelden die niet te expliciet naar de tekst verwijzen, maar wel gelijk een gevoel oproepen.”
Ze nemen de clips op 16 millimeter-film op, die ze ook gebruiken in recente films als Moonrise Kingdom en The Hurt Locker. Tegenwoordig zijn die rollen film schaars. Shots van soms een paar seconden worden daarom urenlang voorbereid en gepland. Momenteel werkt Rhodé voor het eerst met een intuïtieve, Letse analoge filmmaker.
Rhodé treedt ook zelf op in haar clips met opvallende rollen. Ze smeert bijvoorbeeld schreeuwend haar hele gezicht vol lippenstift. Daar heeft Rhodé een achtergrond in: ondanks haar studie grafische vormgeving deed ze op de kunstacademie al veel performances. Ze vond het heerlijk: “Ik wil niet iets dóén, ik wil iets erváren.“ Daarnaast geeft ze mee: “Als je iets aan het doen bent, word je ook je kunstwerk.”
Artiest-zijn is zo multidisciplinair dat daarin alle kunstvormen samenkomen, vertelt Rhodé enthousiast. In de toekomst wil ze meer van haar eigen tekeningen gebruiken, ze is bijvoorbeeld aan het experimenteren met stop-motion. Ook haar eigen decors en outfits maken staat stap voor stap op haar planning. “Ik doe nu dingen die ik drie jaar geleden niet durfde te doen,” vat ze samen.
Rhodé’s Artist Way
Met mijn kunst probeer ik deuren te openen die taboe zijn.

We praten door over de betekenis van haar teksten. ‘Mond Vol Moed’, het titelnummer van haar EP, gaat over haar oma. Die had als hartenwens om te reizen, en vond de moed om dat te doen na het overlijden van haar angstigere man.
Als ode aan eerdere generaties nam Rhodé de achternaam van haar moeder aan als artiestennaam. “Voor mij staat Vree voor vrede, bescherming en vrijheid,” legt ze uit. Omdat ze als eerste vrouwelijke Vree haar eigen keuzes kan maken, gaat haar muziek over de vrijheid vinden als vrouw.
Daarnaast gaat het nummer ook over iets anders: bang zijn, maar je daar niet door laten leiden. “Ik heb mijn mond vol moed, maar ik voel me laf,” zingt ze. Rhodé wil haar stem laten horen, hoewel ze het spannend vindt: “Zingen werkt helend voor wat is weggeslikt.” Ze wil eerlijk zijn in wat ze maakt. Het lukt haar om daarin steeds minder bang en voorzichtig te zijn, “al blijft dat een dans.” Ze geeft zichzelf een missie: “Met mijn kunst probeer ik deuren te openen die taboe zijn.”
Rhodé opende in 2025 de Noordwijkse campagne van Orange The World, tegen vrouwengeweld. “Ze is te leuk om slim te zijn / en te mooi om af te blijven / en te slim om leuk te zijn,” zingt ze in ‘Zij Is (Niet) Bang’. Haar basisgevoel is als vrouw is niet veilig, bevestigt ze, maar van jongs af aan voelt ze zich al niet helemaal op haar gemak. Daarin probeert ze te groeien.
Born To Perform
Als artiest kun je sturen hoe je gezien wordt.

Haar schrijfproces is veranderd. Eerst begon ze met de tekst en probeerde die daarna “in een liedje te schuiven.” Dat begon te wringen. Ze luisterde naar interviews met Eefje de Visser en Spinvis over hun maakproces. Dat nam ze over: begin met de melodie, voeg de percussie toe, gebruik dummytekst en ga later puzzelen. Intuïtiever werken, minder forceren en minder plannen helpen haar bij het schrijven in het moment te komen en in het moment te zijn. Muziek schrijven kan voor haar een uitlaatklep zijn voor blijdschap, woede of frustratie, of juist dienen als troostend dekentje.
Rhodé gaat bij Club 3voor12 Leiden voor een ontroerende avond. Nieuwsgierigen worden meegenomen met de toelichting die ze zal delen rondom de nummers. Haar outfit wordt ook bijzonder: die heeft ze samengesteld uit kleren die van haar moeder zijn geweest, net als het jasje dat ze bij de fotoshoot draagt.
“Als één van de acht kinderen wilde ik altijd graag gezien worden. Artiest zijn gaat om gezien worden. Als vrouw heb je dat niet altijd in de hand, maar als artiest kun je sturen hoe je gezien wordt. Ik ben nog bezig om me daar comfortabel bij te voelen,” vertelt ze eerlijk. Hopelijk lukt het om bij de Clubavond relaxed maar gefocust op het podium te staan.
Op donderdag 3 september staat Rhodé met The Kiffs en The Tommyrots in Nobel bij de 32e Club 3voor12 Leiden. De deuren van de Kleine Zaal gaan om 19:00 uur open. Kaarten kosten €7,90 en zijn hier te koop.




