WP26 avond: Arson en de anderen

Het grote avondverslag van Werfpop 2026

-
  • Cisly Burcksen
  • Bas Kleijweg
  • Renée Kortenoever
  • Sander ten Napel
  • Rogier van Nierop
  • Yavne van der Raaf
  • Siris A.S. Sampatsing
  • Daan Vergouwe
  • Jasper Groothuizen
  • Ilse Kalisvaart
  • Alex Sinke
  • Ruben Verheul
  • Phaedra Wijnstroot

We zagen Chibi Ichigo 's middags schitteren, en 's avonds triomfeerde een andere Vlaamse act. Zonder andere artiesten tekort te doen: Arson blies ons omver. Viva Belgica! En laten we ook even stilstaan bij hoe speciaal Werfpop is. Zoals Library Card terecht zegt: “Wat een bijzonder eclectische programmering! Wat leuk dat alle soorten muziek die er bestaan, hier staan.” Hier is het avondverslag van Library Card tot en met de slotacts: Sef en Textures.

-
© Ruben Verheul

Library Card

Library Card op Werfpop 2026
© Alex Sinke

“Jullie zijn best oké, maar de wereld is echt kak”

Een grommende gitaar en bas zorgen dat de post-punk van Library Card gelijk wakker is. Ze creëren een contrast tussen de bewust disharmonische ritmes en de harmonische, vaak gesproken zang. Drummer Emre is de motor van de band en drumt quasi-nonchalant snel allemaal onregelmatige ritmes. De band laat zich niet afleiden door kleine technische mankementen aan de bass drum, gitaarverstelling of, groter, aan de bas, die een nummer of twee nauwelijks bespeelbaar lijkt. 

De Rotterdammers spelen veel nummers van hun aanstaande album. Deels zijn die nog ongereleaset, anderzijds zijn dat de laatste singles, ‘People Pleaser’ en het lichtvoetig klinkende ‘Out of Context’. In dat nummer laten de vier goed zien hoe verborgen-komisch gedachtenloosclichés kunnen zijn: “You love what you do and therefore, you’ll never have to work a day in your life.” 

De band staat voor zijn feministische principes en draagt die uit in hun zwaarmoedige thema’s. Library Card behandelt bijvoorbeeld mansplaining (bassist Kat speelt letterlijk en gaat figuurlijk hard in ‘Well, Actually’) en femicide. Ze maken zich zorgen, dus smeekt zangeres Lot met bijna brekende stem: “Alsjeblieft, let op elkaar en spreek je uit! Het is moeilijk, maar het helpt echt.”(RvN)

Flexusz btb Operator21

-
© Ruben Verheul

Even lekker rammen

Deze twee vrouwelijke dj's vormen een duo om de bezoekers eens even lekker te laten rammen. Zonder poespas nemen ze de knoppen van Kevin Lo over en gelijk hoor je een omslag in het geluid en volume. De bas voelt lekker, maar door de glitchy samples is het aangeraden om, als je geen gehoorbescherming in hebt, even een stapje naar achteren te doen. De twee wisselen elkaar per nummer af, wat vlekkeloos verloopt. Ze hebben er kennelijk plezier in, net als het Werfpoppubliek. Een paar kleine kinderen dansen energiek mee op het podium onder toezicht van de ouders, en Flexusz (Francine van der Kamp) lacht ze toe.  

De drum and bass-muziek krijgt gedurende de set meer een house karakter. De percussie samples klinken meer als breakbeats en het tempo schiet een stukje omhoog. Gestaag komen er meer mensen een kijkje nemen. Plots spelen ze een remix van 'Livin’ la Vida Loca’ van Ricky Martin en komt er steeds meer publiek bij. Je zou denken dat ze uit een toverdoos komen. Ze headbangen en dansen erop los, en de twee dj's worden luidkeels toegeroepen door een aantal.  

Gaandeweg wordt de set alsmaar intenser en de bezoekers blijven toenemen. Mensen staan zelden stil. Hier en daar hoor je wat dubstep invloeden terugkomen. Je merkt hoe de twee dj's echt hun eigen ding doen, waardoor ze een leuke en energieke show met verrassend veel variatie neer weten te zetten. (DV)

The Indien

-
© SHOTBYPHAE

Waar afscheid en samenspel samenkomen

The Indien opent met een instrumentale intro waarin de spanning direct wordt opgebouwd. Zangeres Rianne Walther begroet het publiek met gebarende kusjes, zoekt meteen contact met drummer en gitaristen en trekt het publiek moeiteloos de set in. Het krachtige begin van ‘Born Again’ laat direct zien hoe hecht de onderlinge samenwerking is. Tijdens ‘Stay’ bereikt de band een eerste hoogtepunt: het publiek zingt enthousiast mee, terwijl Rianne haar stem vol overtuiging laat openbloeien. De krachtige, hoge vocalen geven het nummer een indrukwekkende climax en vormen het kantelpunt van de set.

Vanaf dat moment krijgt het optreden een intiemer karakter. De akoestische gitaar en subtiele dynamiek zorgen voor meer ruimte, terwijl de muzikanten elkaar voortdurend blijven opzoeken. Gitaarwissels verlopen moeiteloos en tijdens ‘Numbers’ zoekt Rianne de gitarist op, waarbij diens golvende gitaarlijn naadloos samenvloeit met haar vocalen. Bij ‘How I'm Gonna Love Myselfdoet het publiek gewillig mee met de kenmerkende ruitenwisserbeweging, terwijl Rianne haar zang opnieuw met overtuiging laat schitteren.

Halverwege de set laat de band het publiek ook delen in het afscheid van gitarist Casper Talsma, die na ruim tien jaar zijn laatste optreden met The Indien speelt. Wanneer Rianne hem introduceert als haar "partner in crime" sinds 2015, klinkt een warm applaus. De onderlinge blikken en vanzelfsprekende chemie maken voelbaar hoeveel deze bezetting voor elkaar betekent. In afsluiter ‘Be Yours’ komt alles samen: Rianne's stem klinkt krachtig en kwetsbaar tegelijk, terwijl de band elkaar feilloos aanvoelt. Zo bewijst The Indien dat muzikale cohesie niet alleen hoorbaar is, maar ook zichtbaar en voelbaar op het podium. (SASS)

Postmen

Postmen op Werfpop 2026
© Alex Sinke

(On)bezorgd

Werfpop neemt z’n ecologische verantwoordelijkheid serieus, en recyclet op P2 Postmen, bijna zeventien jaar na hun vorige optreden op de editie van 2009. De formatie wordt aangevoerd door de boomlange zanger Remon Stotijn en de constant grijnzende zangeres Alyssa Stotijn, een vermaard echtpaar dat volledig op elkaar is ingespeeld. De eerste track bevat iets meer samplebandjes dan vertegenwoordiging van de band zelf, maar al snel ga je hun gestage reggaeritme zonder nonsens in je bloed voelen. Het publiek is zichtbaar ouder, vol fans van het eerste uur die dansen alsof het hun laatste is. Reggae staat voor bevrijding, dus de combinatie van wiegende heupen en kribbige teksten die ageren tegen onderdrukking ontbreken natuurlijk niet.

De rap van Remon grenst tussen verbeten en vrolijk, en Alyssa heeft een dijk van een bereik. Een track moet even over, maar net op het moment dat je de formule kent, gooit de band een onverwacht rock element in de mix met heftige gitaar. De set wisselt nostalgische nummers af met vers werk, maar zelfs als men nog niet mee kan scanderen, gaan de handjes nog steeds op en neer. ‘Rider’ is de meeste rake track van de tweede helft, een somber doch vastberaden lied over de onrustige tijd waarin we leven. Het verwijt van eenzijdigheid sluipt er weer in bij de afsluiter, en dan volgt er breakdown die een brok in je keel achterlaat. Postmen is beslist niet op hun retour. (BK)

NoizBoiz

.
© Ilse Kalisvaart

"Dit krijg je van NoizBoiz!"

Het Rotterdamse trio pakt het stokje over van de vorige act. MC Don de Baron stapt de booth in en begint met het instellen van de draaitafel. Hij spreekt het publiek via toe; "Even een beetje warmdraaien hé!” Hij zet de drum and bass set tot groot genot van het publiek voort. Plotseling springt hij het publiek in en danst hij met een paar mensen mee. "Wat een gezelligheid hierzo!” Zodra alles klaar is komt MC MAN LIKE AXEL ook het podium op. NoizBoiz kenmerkt zich vooral met hun Nederlandse grime sound, een muziekgenre oorspronkelijk afkomstig uit het Verenigd Koninkrijk.  

De twee MC's rappen strak en hebben een goede dynamiek op het podium. Ook de beats zijn lekker. Don de Baron springt en danst alle richtingen in en betrekt het publiek plezierig bij de show. Regelmatig brengt hij zichzelf buiten adem. Plots haalt hij een hele groep kinderen het podium op om te dansen. "Stap links, stap rechts, stap flex”, waarin je in het derde stapje je eigen dansje doet. Het beste kind van stal krijgt een NoizBoiz t-shirt toegeworpen.  

Een aantal rappers van de zogeheten 'NoizBoiz familie’ komen ook het podium op. Ze rappen vol zelfvertrouwen, maar soms gaat dat zo snel dat de teksten niet echt verstaanbaar zijn. Toch verloopt de show goed en laten ze een onvergetelijke indruk achter. Op filosofische wijze sluiten ze af: "Dit krijg je niet van een liter bier, dit krijg je van NoizBoiz!” (DV)

Prins S. en De Geit

.
© Ilse Kalisvaart

Verbonden in de Zeitgei(s)t

Onder het toeziend oog van het paarse hert boven het hoofdpodium en begeleid door kerkklokken dromt het veld vol met zij die de auditieve hostie van Prins S. en De Geit willen beleven. Dit is onze kerk, 'waar je al je leed vergeet als de bas je lijf betreedt' - met de Nederlandstalige cover van Faithless' 'God is a DJ' is de toon van de set direct gezet.

De roep om verbinding blijft niet onopgemerkt, met al het aas dat Prins S. uitstalt. De één zal aangetrokken zijn tot de harde elektronische geluiden, het gedreun, de opbouw, inwilliging, climax; de ander is gelokt door de parlando preek van frontman Scott Beekhuizen, een bijna mythische verschijning met zijn lange, steile haardracht, wit pak met bolero en eronder een Yves-Kleinblauw shirt. Zelfs de nieuwsgierige nitwit die alleen de guitige bandnaam vernam vindt verlossing tussen de golf van saamhorigheid die het drietal los weet te schudden. Prins S. en De Geit lijkt een tijdsgeest gevangen te hebben, die zich uit op de snijlijn van opzwepende mystiek en plotsklaps aardse metaforen, zoals bakjes mayonaise, kladblokken, de kinderboerderij.

"Volgens mij houden we veel van elkaar, of niet, Leiden?" schalt over onze kruinen. Naastenliefde verkondigen op Werfpop is misschien preken voor eigen parochie, maar de springende geiten in het publiek staan maar wat open voor dit dagelijks brood. Gezegende zondag, allemaal. (YvdR)

Alternative LVC Swing presents DJ's Pter + Rtger

-
© Ruben Verheul

Als een breuklijn waar alles samenkomt

Op de breuklijn waar het geluid van de twee grote podia tegen elkaar schuurt, wordt vuur met vuur bestreden: dan maken we hier toch ook gewoon een feestje? Dj's Pter en Rtger bouwen, hit na hit na hit, een vulkaan langs de randen van Werfpops tektonische platen, waar we maar al te graag op dansen. Langs de magnetische flanken dijt de amoebe van naderend publiek steeds verder uit - in aantal, maar ook in verscheidenheid. Ouderen dansen op de muziek van hun jeugd, de jeugd shazamt bands als The Specials. De perfecte spiegelscène van de hele set vat zich samen in Rage Against the Machine's 'Killing in the Name of'. Een grijsaard in vaal t-shirt predikt de tekst vanaf het podium, een tiener met kettingen aan diens broek gesticuleert naar hem terug, een moeder snelt met water naar haar kind dat weigert te stoppen met springen. Een vader vertelt het nageslacht op zijn schouders hoe het er vroeger aan toe ging, daar bij het LVC op Breestraat 66, waar hij mama leerde kennen op een vrijdagavond, in de tijd dat hij zijn haar nog toupeerde. De beste intergenerationele vriendschappen ontstaan voor vijf minuten, gestoeld op beweging, herkenning en saamhorigheid. Overvliegend bier is een prisma van herinnering op een bed van 'Fuck you, I won't do what you tell me'. En dan komt 'ie: de "uHhhh" en 'motherfucker"-exclamaties die allebei strijden om de prijs voor hardst meegezongen tekst van de dag. (YvdR)

Arson

Arson
© Jasper Groothuizen

Maakt een zaterdag van de Leidse zondag

Een opkomstnummer in een bandvreemd genre, hier ‘Fire’ van de Pointer Sisters, is een voortwoekerende gimmick. Bij wie het humeur daardoor onmiddellijk bewolkt, breekt de zon snel weer door. De gegiletteerde Gentenaren draaien de intensiteitsknop gelijk naar 11, en houden die daar.

In plaats van een concert is dit eerder een moderne toneelvoorstelling waarbij heel veel tegelijk gebeurt. De mic zwiept aan de draad en in de standaard in het rond en maakt tape-reparatie noodzakelijk, gitarist en bassist springen over het podium.

Achtergrondzanger Nathan mixt achter een mini-toog cocktails met whiskey. Leadzanger Jeroen giet ze met een tuit in gretige toeschouwerskelen, een rol die wordt overgenomen. Het is noodzakelijke motorolie, want: “Komen we hier om te moshen op een familiefestival?! Of is het in Leiden niet altijd zaterdag?” We zijn een stad van Hoge Mors, maar meestal van lage mosh. Het hyperenergieke Arson steekt dat vuurtje echter vakkundig aan, met als hoogtepunt een reusachtige draaikolkmoshpit. Ook een stagedivende en crowdsurfende frontman ontbreekt niet.

Het helpt daarbij dat de band nur Bangers speelt. Hun artiestenbio vermeldt “een harde mix van rock ‘n roll, punk, hardcore en southern rock”. Voeg aan de mix veel metal en een snufje stoner toe, laat die jarenlang sudderen om te oefenen en nummers te schrijven, zoals hun aankomende album, en je hebt Arson. 

Na dit High Definition-optreden is elk concert dat we erna zien in korrelig zwart-wit. (RvN)

Sef

Sef op Werfpop 2026
© Alex Sinke

“In den beginne was er licht en geluid”

In den beginne schiep God de Hemel en de Aarde, en daaruit vloeide weer het licht en geluid. Die ingrediënten gaven Sef weer munitie om zijn album ‘lieve monsters’ te creëren. God zag (en hoorde) dat het goed was. Zo goed zelfs dat Sef op de zondagavond Werfpop mag afsluiten op de mainstage. De ingrediënten deze keer? Een tjokvolle setlist vol oud en vooral nieuw materiaal.

Sef begint de set tussen zijn bandleden op een verhoogd vierkanten platform. Hierdoor oogt hij als een prediker die zijn muziek aan het publiek verspreidt. Eerst voelt er een heidense afstand tussen hem en de festivalgangers , maar gaandeweg weet hij ze in zijn hart te sluiten en te overtuigen tot echte gelovers. Gelovers in het woord van Sef.

Heel voorzichtig richt hij zich tot het publiek. “Is het erg als ik er nog een paar van ‘lieve monsters’ doe?”. Er wordt luid gejuicht. Nieuwe nummers zoals ‘h-e-l-p’ en ‘voor alles bang’ worden even hard meezongen als de klassiekers. En natuurlijk mag ‘De Leven’ niet ontbreken. Tijdens ‘Shirt Uit’ kolken geheel onverwachts - en bovendien heel onkuis - bezwete bovenstukken in het rond.

Midden in de set, nadat de zon is ondergegaan, verschijnt Sef op het podium met een Duitse helm volgeplakt met glitters. Wanneer de spotlights weer aangaan, zorgt dat voor prachtige visuals, waarmee Sef lomp gezegd verandert in een discobal.

Hoewel er bij Sef een zekere nood en maatschappelijke kritiek in zijn muziek zit, zijn er ook nog momenten om te dansen en vooral om elkaar ook lief te hebben. Waarom niet? Het zou zomaar eens 'de laatste zomer' kunnen zijn. Amen. (RK)

Textures

-
© Ruben Verheul

Vaste Werfpopwaarde

2006. 2016. 2026. We zien een patroon! Eens per decennium spelen Textures (opgericht in 2001) op Werfpop. Een heel toepasselijke optelsom, eigenlijk, aangezien de band wereldwijd geldt als een boegbeeld van de ‘math metal’. De Werfpopprogrammeurs zijn voor de dagsluiting op P2 dus voor de Traditie gegaan. Maar bepaald niet voor de Gemene Deler. Want ‘progressive djent’ is niet direct een gemaksmaaltijd, hoe smakelijk de ingrediënten ook mogen zijn.

Dat weet de band zelf ook, getuige de stage banter van vocalist Daniël de Jongh: ‘Wat ’n moeilijk gedoe, hè?’ Excuus of zelfcompliment? De trouwe fans hebben hun Textures graag complex (de band doet het goed in studentensteden, hebben zij ons verteld); de avontuurlijk ingestelde muziekliefhebbers zijn blij dat zij iets krijgen om op te kauwen, maar een enkeling zoekt na enkele niet-vierkwartsmaten en een draaikolk van harde noten zijn heil bij Sef op P1.

Tegen het sfeervolle decor van de avondschemering komt de melodieuze kant van het (nieuwere) materiaal goed tot zijn recht. Hier en daar wordt geflirt met ‘power metal’, maar bevallig wordt het gelukkig nooit. Toetsenist Uri Dijk laveert kundig tussen de kitsch en de bombast door. Droge, hoekige gitaarrifs (trademark Textures) houden ons bij de les. De lichtshow volgt feilloos de patronen die gitaristen Bart Hennephof en Joe Tal en bassist Remko Tielemans weven. Nauwelijks zichtbaar, maar uiterst voelbaar en met wiskundige precisie, dicteert drummer (en mede-Textures-oprichter) Stef Broks de dynamiek. De strot van De Jongh staat ook op scherp: er zit lekker veel druk achter de hardere passages. Zijn zang, met een behoorlijk bereik, blijft ook overeind als er gas wordt teruggenomen. Textures zijn in topvorm en niet voor niets een vaste Werfpopwaarde.

Wij noteren alvast: ‘Werfpop 2036: Textures’. (RV)