JOA26: The Offspring vindt de balans tussen vervelend en opwindend
De nostalgie wint het uiteindelijk van de irritatie
Wist je dat The Offspring twee jaar geleden een nieuw album heeft uitgebracht? Aan ons was die voorbijgegaan. Grote kans dat dat bij jou ook het geval was, want Supercharged was alles behalve een gedenkwaardige plaat.
Een beetje flauw natuurlijk, maar om maar gezegd te hebben: de punkrockers zijn al lang niet meer zo relevant als in de jaren negentig en nul. Gelukkig staat niemand hier in de volgepakte Eagle om iets innovatiefs mee te maken. Nee, dit is gewoon 60 minuten drijven op nostalgie – en mocht dat vooraf niet duidelijk zijn, dan is het dat na opener ‘Come Out And Play’ wel: de bekende regel over uit elkaar gehouden worden schalt uit duizenden, inmiddels licht afgekoelde en beschonken kelen.
Laten we eerlijk zijn: eigenlijk is het helemaal prima dat we hier baden in de herkenbaarheid vanavond. Hup, ‘All I Want’ erachteraan, ‘Want You Bad’ daar weer achteraan. Strak en energiek gespeeld bovendien. En allejezus, wat ziet Dexter Holland er topfit uit?! Niet gek eigenlijk, want Men’s Health ging vorig jaar langs voor een soort MTV Cribs door zijn gym en koelkast (zeker het kijken waard).
Het schoentje begint te wringen in het middenstuk van de show, zeg maar vóór we de echte monsterhits krijgen. Wie die hits wil horen, moet eerst een aantal vreselijke covers verwerken, met een Taylor Swift-cover als absoluut dieptepunt. In de tussentijd lopen Holland en Noodles wat schijtlollig een ingestudeerd toneelstukje op te voeren. Je zou voor minder weglopen bij een show.
Toch komt het allemaal nog redelijk goed: zodra ‘Pretty Fly (For A White Guy)’ en ‘Self Esteem’ voorbijkomen, is de hele tent weer mee, alsof het tussenstuk er nooit is geweest. Die monumenten van songs blijven nu eenmaal perfect festivalvoer, zeker op een festival als Jera. The Offspring is vanavond even vervelend als opwindend, ook dat is een kunst.