Goed moshen op allesvreter Max Fry in MEZZ

Emoindiehiphoppostpunkpotje smaakt goed in de Club

Max Fry in Mezz
  • Elliot Angevaare

Een mooie combinatie in de Club van MEZZ voor iedereen die houdt van het betere, donkere en pulserende werk. Daar staan op een herfstige maandagavond twee Amerikaanse acts die zitten op het vlak tussen emo, postpunk, hiphop, darkwave en synthpop. De een: Computer Kill die wat afstandelijker is, de ander Max Fry die niets liever dan tussen het publiek staat. Een avond die start als een muzikale trip en eindigt in een chaotisch feest, mede dankzij één vraag van Max Fry: of er even een pit kan ontstaan.

Postpunk, dark wave en synthpop: het uit Baltimore-afkomstige Computer Kill weet er wel raad mee. Begonnen als solo-project van songwriter/producer Noah Schippers, hier in de Club een volwaardige, vijftallige band die stuwende ritmes en donkere elektronische klanken maakt. Maar kil is het niet, eerder meeslepend. Dat komt vooral door de vele reverb op de zang van Schippers en lijkt zijn stem soms bijna op te lossen in de synthesizers. Daardoor voelt het geheel als een dromerige roes, maar de stevige beats houden je uit je slaap. Dat de teksten dan niet altijd even goed zijn te verstaan, doet weinig af aan de show. Je hoeft niet ieder woord te begrijpen, de muziek neemt je toch al mee, want deze computer ‘killt’ niet, maar heeft een scriptje geschreven dat je lichaam in beweging zet.

-
© Marcia van der Kraan

Max Fry komt even later strompelend het podium op en trekt zijn microfoonstandaard mee als hij openingsnummer ‘Buzzin’ inzet. Al dansend dartelt de Amerikaan met zijn band tussen emo, indie, hiphop en postpunk en schaaft nergens aan, een sound die de Florida-man goed staat, zeker bij zijn meest recente album Better Luck Next Time. Het publiek hier in de Club heeft volgens de frontman iets te weinig energie en geeft gekscherend iedereen een drie. In plaats van gemor, gaat iedereen los als hij vervolgens om een pit vraagt en die ook direct krijgt. Van muur tot muur is het pure chaos en zelfs een verdwaalde crowdsurfer wordt door een grijnzende Max goed ontvangen. “All I had to do was ask!”.

Max Fry in Mezz
© Marcia van der Kraan

Dat is natuurlijk deels waar: de muzikant zorgt zelf voor nummers die meer uitnodigen tot uitbundigheid zoals ‘pretend’ dat fuzzy gitaren en een moordend hoog tempo weet te combineren. De frontman gaat vanaf dat punt ook steeds vaker het publiek in en de afstand tussen muzikant en bezoeker verdwijnt volledig, nog even los van iedereen die foto’s en video’s staat te maken. Daar is Max ook van onder de indruk en beloont de hervonden energie met ‘Back For Blood’; een nummer waarin hij wraakgevoelens bespreekt en hij te zwaar vond voor Better Luck Next Time. Zo vaak speelt hij dit nummer niet live, hij zegt het alleen te spelen bij zalen die het verdienen en als de moshpit vervolgens zo groot is dat Max zelf ook gaat crowdsurfen, is het plaatje compleet.

Max Fry in Mezz
© Marcia van der Kraan

Letterlijk op handen gedragen, een ‘Thank you for actually catching me there” en nóg een beloning, want ‘Freakin’ Out’ komt pas op 6 november uit, maar is wel al hier in MEZZ te horen. Een intiemer nummer en daarmee nogal een contrast met de wilde pit van daarnet, maar tekenend voor de Amerikaan die van alle markten thuis is.

Max Fry in Mezz
© Marcia van der Kraan

En net zoals opener Computer Kill is het grootste probleem bij Max Fry de zang die niet even goed verstaanbaar is (of zelfs zuiver), maar een vlekkeloos optreden is niet het doel van Max Fry. Wel het overbrengen van emoties en een ongeremde energie die, los even van het begin, uiteindelijk helemaal goed komt. Als hij dan nog het podium afgaat met een ‘Fuck Nazis and free Palestine!’, is het applaus overdonderend.