Cavetown vult 013 met tranen en gitaren

Laatste tourshow zorgt voor veel verschillende emoties

-

Van bedroompop naar een net niet uitverkochte Main van 013; het kan hard gaan met Robin, ofwel Robin Skinner, de Engelsman die onder de naam Cavetown muziek maakt en Tilburg als laatste stop aandoet voor de Running With Scissors tour. Met dat album gaat Skinner voor een nieuwere, meer experimentele sound en wordt 013 getrakteerd op een onvergetelijke avond vol nostalgie, energie en hier en daar ook een traan.

Maar niet voordat supportact Dreamer Isioma mag aftrappen. De Nigeriaans-Amerikaanse muzikant krijgt direct de zaal mee met een geslaagde mengelmoes aan genres zoals hiphop, funk en R&B. Dat komt niet alleen door Isioma zelf; diens gitarist Dante Swan maakt ook veel indruk met rake gitaarsolo’s en funky akkoorden die heel de Main aan het dansen krijgt. Maar er is ook ruimte voor politiek: Isioma maakt van het podium en platform en gebruikt vaak slogans als ‘Free Palestine, free Africa and free the whole world’ tussen de nummers door.

-
© Beau Kaufman

Dat Isioma de status van ‘opwarmer’ is voorbijgestreefd, blijkt als halverwege de set ‘Sensitive’ (waarin ondanks de titel misschien nog wel het meest in wordt gevloekt) wordt ingezet en heel het publiek luidkeels meezingt. De zanger gaat dan even het podium af om bloemen te pakken en terwijl Swan weer een sterke gitaarsolo speelt, wordt de flora uitgedeeld in de zaal. Een mooi moment dat wordt overtroffen bij het spelen van nieuwste single ‘Smile’: een synthpoplied dat oproept om het einde van het leven te vieren in plaats van treuren. Een perfecte opwarmer voor Cavetown.

-
© Beau Kaufman

En die komt precies op een minuut na afgesproken settijd het podium op. De band is deze ronde vier man sterk: Skinner met daaromheen nog drie andere muzikanten. En net zoals het album waar Cavetown voor tourt openen ze met de twee nummers die ook de plaat openen. Luid gejoel en geschreeuw als ‘Skip’ wordt ingezet en je zou dan nog kunnen denken dat de Engelsman met een rustig nummer geen nieuwe muzikale koers is gaan varen, maar als dan daarna ‘Cryptid’ komt, hoor je gelijk hoe de indiepop is ingewisseld voor alternatieve pop en rock.

-
© Beau Kaufman

Dan komen we al snel achter dat er een bepaald patroon zit in de set: twee nummers van het laatste album, ouder nummer en dat herhaalt zich zo gedurende de avond. Het siert Cavetown dat oud materiaal in een nieuw jasje wordt gestopt en meer gebruik wordt gemaakt van de aanwezige drums en gitaren. Neem bijvoorbeeld het alweer zes jaar oude ‘Sweet Tooth’ dat al een slowrocker is, maar hier van een nog dikkere gitaarmuur wordt voorzien. Skinner geeft een inkijkje in zijn persoonlijke wereld, niet alleen door middel van de liedjes, maar ook door meer te vertellen over bepaalde nummers. Neem bijvoorbeeld ‘Baby Spoon’; Skinners liefdeslied over zijn vriendin die in New York woont. De millennialvibes zijn dan sterk als de 27-jarige muzikant ons vraagt om een beacon in Minecraft te zijn door allemaal naar boven te wijzen en zodoende tot aan New York te zien zullen zijn. Geen vinger in 013 die níet naar de hemel reikt.

-
© Beau Kaufman

Het is een van de vele kippenvelmomentjes die Cavetown teweeg weet te brengen. Iedereen pakt elkaar stevig vast en lichtjes gaan omhoog bij de emopop van ‘Wasabi’ over het missen van een geliefde en het geluk kan niet op als daarna ook nog eens ‘Green’ wordt ingezet dat minstens zo breekbaar klinkt met mooie gitaarlijntjes. Dat wordt alleen nog maar mooier als het publiek massaal groene stukjes papier tevoorschijn tovert en voor de lampjes houdt, waardoor heel de Main groen kleurt. Kleurrijk wordt het ook bij een van Skinners meest persoonlijke nummers ‘Juliet’ over de transitie van vrouw naar man en de pridevlaggen uit het publiek dankbaar door de frontman om de microfoonstandaard worden gehangen.

-
© Beau Kaufman

Uitgedanst zijn we nog niet met het punky ‘Sailboat’, maar na drie minuten non-stop gejoel, komt Cavetown terug. Maar voor er een nummer wordt gespeeld, siert het de frontman dat hij eerst nog flink wat mensen bedankt, want ja; het is wel de allerlaatste show van de tour. Bandleden, tourmanagers; iedereen krijgt een flink applaus en daarna zien we pas echt hoe energiek de fans van Cavetown kunnen zijn op ‘Boys Will Be Bugs’. Een trage rocker, maar iedereen gaat hard op de tekst, zeker met de passage ‘I just turned 14 and i think this year I’m gonna be mean’. Hoe anders is de stemming als direct daarna ‘Home’ volgt met alleen Skinner en gitarist James Rapp. De traanklieren hebben dan alweer tijd genoeg gehad om bij te vullen en weer te legen. Geweldig is hoe het nummer langzaam opbouwt naar harder en op het slot helemaal a capella door de frontman zelf wordt gedaan.

-
© Beau Kaufman

De échte afsluiter is dan ‘Devil Town’ dat begint met veel reverb op de gitaren en rode, flitsende lichten. De wat iele gitaartjes op het album worden ingewisseld voor een veel rauwere gitaarmuur, het tempo wordt opgevoerd en met een harde drumsolo van Wiloughby Morse op het eind, Skinner met gitaar op de grond, al schreeuwende, is dit de gedroomde afsluiter van een nagenoeg perfecte set. Klaterend applaus voor de band die een flinke buiging maakt en dat is ontzettend terecht.

-
© Beau Kaufman