Wat maakt een (Limburgse) nachtclub veilig?
In Maastricht gaat het gesprek verder dan de deur van de club

Wat maakt een nachtclub eigenlijk veilig? En kan een ruimte tegelijkertijd veilig én inclusief zijn? Op 30 september stonden deze vragen centraal bij sessie 2 van het programma van Nacht Academy, een talentontwikkelingstraject gericht op de toekomstige organisatoren, programmeurs en makers binnen de dance- en nachtcultuur van Zuid-Limburg.
Een club is meer dan een plek om te dansen
Nachtclubs worden geassocieerd met de vrijheid om de dagelijkse regels even los te laten. Maar voor veel bezoekers draait de nacht om meer dan dansen en ontspanning. Cultureel onderzoeker Bram van Heugten deed onderzoek naar queer nachtcultuur in Amsterdam, en hij benadrukte tijdens de sessie dat de club ook een belangrijke sociale ruimte is, in het bijzonder voor gemarginaliseerde gemeenschappen. Voor sommige mensen is het overdag moeilijk om gelijkgestemden te vinden. Juist de nacht kan ruimte bieden voor ontmoeting, kruisbestuiving en gemeenschapsvorming. Maar welke voorwaarden zorgen ervoor dat deze gemeenschappen zich veilig en welkom voelen in nachtclubs? Het is niet zo vanzelfsprekend als je denkt.

Veiligheid is ingewikkelder dan veilig of onveilig
Bram spreekt over drie vormen van veiligheid: fysieke, psychologische en sociale veiligheid, met ieder unieke vormen die de veiligheid kunnen bedreigen. Bij fysieke veiligheid komen begrippen als geweldpleging en dronkenschap naar voren, maar ook een opeengepakt publiek of onveilige trappen. Bij psychologische veiligheid draait het om de vraag of je kunt ontspannen, jezelf kunt uiten, om hulp kunt vragen. Sociale veiligheid gaat vervolgens over de vraag of je je onderdeel voelt binnen de club, en bijvoorbeeld de ongeschreven regels begrijpt. In de praktijk is veiligheid binnen de nachtcultuur geen kwestie van veilig of onveilig. Een club kan voor dezelfde persoon tegelijkertijd een plek van vrijheid én kwetsbaarheid zijn. Iemand die uitgaat kan zich bijvoorbeeld fysiek en sociaal veilig voelen bij een feest, maar alsnog angstig voelen.
Wie wordt geïncludeerd en wie niet?
Ook inclusie is niet vanzelfsprekend, stelt Bram. Als je een club veiliger maakt voor een specifieke groep, bijvoorbeeld door middel van deurbeleid, maakt dat de ruimte dan automatisch inclusiever? Hij haalt daarbij een voorbeeld aan uit de Berlijnse underground queer scene, waar Turkse en Arabische bezoekers relatief weinig vertegenwoordigd zijn. Stereotiepe aannames over Turkse en Arabische mannen, bijvoorbeeld dat zij vaker homofobe of seksistische opvattingen zouden hebben, kunnen daarbij een rol spelen. De verwachting dat zij mogelijk niet welkom zijn, kan er vervolgens toe leiden dat zij de club überhaupt niet proberen binnen te komen. Zo ontstaat een circulair effect: beleid dat bedoeld is om een veilige ruimte te beschermen, kan tegelijkertijd bijdragen aan het in stand houden van een bepaald publieksprofiel.

Wat kan een club doen?
Naast Bram, was Doeshka Vrede, eigenaar van club The Other Side in Amsterdam, ook uitgenodigd om te spreken over haar ervaringen en verantwoordelijkheden met het runnen van een club. Een populair concept in Amsterdam is het implementeren van een Awareness Team: een team van duidelijk herkenbare vrijwilligers dat tijdens een evenement rondloopt, alert is op mogelijke incidenten en aanspreekbaar is voor bezoekers. Doeshka daarentegen geeft aan dat ze dit niet doet, maar een stap verder gaat. Ze zorgt ervoor dat iedereen binnen haar club, van geluidstechnicus tot barmedewerkers, een veiligheidstraining heeft afgerond. Deze training richt zich op het herkennen van grensoverschrijdend gedrag, discriminatie en het vergroten van de sociale veiligheid op de dansvloer. Dit is een van vele strategieën en onderwerpen besproken tijdens de sessie.

Van de club naar de stad
Maar een club kan niet alles alleen oplossen. De kwestie van veiligheid reikt bijvoorbeeld van de club tot de terugweg naar huis, maar ook tot de vraag hoeveel ruimte er in de stad is voor culturele en sociale infrastructuur in de nacht. Dat speelt niet alleen in Maastricht, waar het einde van het Landbouwbelang in zicht is, maar ook in Limburgse steden als Sittard en Venlo, waar steeds meer aandacht ontstaat voor nachtcultuur. Om veiligheid en inclusie in de Limburgse nacht te verbeteren en te waarborgen, is daarom meer nodig dan goede afspraken binnen de club. Institutionele continuïteit, ruimte en een blijvend gesprek tussen makers, bezoekers, organisaties en gemeenten zijn nodig om de nacht duurzaam te blijven ontwikkelen.
Nacht Academy wil daar een bijdrage aan leveren. Wie mee wil praten, leren of zelf aan de slag wil met de toekomst van de Limburgse nacht, kan zich aansluiten bij de volgende gratis sessies van het programma.