The Aristocrats heersen over Bridge Guitar Festival
Vertrouwde virtuositeit met een knipoog die blijft boeien
Je wordt niet zomaar een van de headliners op Bridge Guitar Festival in Eindhoven. Daarvoor moet je kunnen spelen, en een reputatie hebben. We kennen The Aristocrats ondertussen, met dat spelen zit het wel snor en met die reputatie eigenlijk ook. In 2011 stonden ze nog voor 30-40 argwanende muzikanten te spelen in de Boerderij, nu voor een zeker tachtig procent gevulde Hertog Jan zaal van Muziekgebouw Eindhoven.
The Aristocrats staan natuurlijk op dit festival vanwege Guthrie Govan en Bryan Beller, respectievelijk op gitaar en basgitaar. Maar vergeet degene die dit powertrio compleet maakt niet: Marco Minneman op drums. Allen hebben hun sporen ruimschoots verdiend, onder andere bij Hans Zimmer (Govan) en Joe Satriani (Beller en Minneman).
The Aristocrats spelen in Eindhoven een van de laatste concerten van de Duck-tour, volgend op het gelijknamige album. Het thema van dit album, een eend die om schimmige redenen Antarctica verruilt voor de grote stad, is tekenend voor de mentaliteit van de band. De muzikaliteit is op een absurd hoog niveau en wordt gelardeerd met grappen over dieren en seks. Speelgoeddieren illustreren de show en helpen bij de uitleg over het album, dat kennelijk gebaseerd is op een visioen van Guthrie.
Bij dat eerste Nederlandse optreden in de Boerderij stonden veel muzikanten zich al te verbazen over de virtuositeit van het getoonde spel, maar de band is sinds die tijd duidelijk gegroeid. Misschien is de techniek van de leden niet extreem verbeterd, maar van de nummers is de complexiteit en compositionele rijpheid zeker toegenomen. Er worden gelukkig nog steeds stijlen als prog, rock, jazz, en heavy metal door elkaar gegooid; leuk als je een brede smaak hebt.
De eerste vier nummers van het Duck album worden in dezelfde volgorde als op het album gespeeld. We horen onder andere een disco-stamper – ‘Aristoclub’ – en ‘Sitting on the Duck of the Bay,’ een mix van ’veertig procent soul, veertig procent jazz, en twintig procent heavy metal’ volgens componist Minneman. Daarna volgt ouder materiaal als ‘Wake up, it’s me’ van Govan wat eerst ‘Spanish Eddie’ heette, naar de Spaanse invloeden. In dit nummer kan Govan duchtig zijn techniek en muzikaliteit laten horen. Ook van Govan is de vrij heavy en extreem progressieve hersenkraker ‘Here Come the Builders,’ wat tot verbazing van de componist goed valt bij het publiek. Op twee derde van het concert komt de band ermee weg om twee ballads achter elkaar te spelen. We waren ook wel toe aan wat rust.
Op het eind van de avond vraagt Beller aan het publiek wie er muzikant is of een instrument bespeelt, waarna het overgrote deel van het publiek een hand opsteekt, waaruit wel blijkt dat The Aristocrats muziek maakt voor muzikanten of die-hard muziekliefhebbers met een hoge mate van openheid. Toch valt er niet te ontkomen aan de kwaliteit van de composities of het niveau van de techniek, en de speelse humor die die twee aspecten relativeert. Hoewel we een beetje gewend zijn aan hun niveau, blijft een avondje The Aristocrats extreem vermakelijk.