endive: “Je sluit je minder op als je schrijft vanuit improvisatie”

Een interview met Warner Mossel en Marcel Ju, het kernduo van dreampopviertal endive

.
  • Lotus Monks
  • Ilse Kalisvaart

Verschillende generaties, verschillende invloeden, maar dezelfde passie voor muziek. Warner Mossel en Marcel Ju zijn het hart van endive. Versterkt door Sam van Tienhoven en Andro Ackerman is dit dreampopviertal niet te stoppen. In samenwerking met Oscar de Jong brachten zij hun debuut EP ‘headprint’ uit. Sindsdien zijn ze zowel nationaal als internationaal erkend. Wij spraken Warner en Marcel over hun chemie, hun creatieve proces en te verwachten experimenten.

.
© Ilse Kalisvaart

Hoe hebben jullie elkaar ontmoet en hoe heeft jullie relatie invloed op jullie muziek?
Warner: “Ik ben Marcels schoonzoon. De eerste keer dat ik hem ontmoette, zat het gelijk goed. We hadden meteen een connectie via muziek. Marcel heeft vroeger veel muziek gemaakt en ik speel ook mijn hele leven muziek. Op een gegeven moment bedachten we om het samen te gaan doen. Dat werkte heel goed. We hebben heel erg dezelfde muziekstijl, maar wel veel verschillende invloeden. Marcel ging vroeger heel veel mee op tour met bands, maar voor mij komt het meer vanuit mijn klassieke opleiding op het conservatorium. Die invloeden kwamen in ons proces heel mooi samen.”

Marcel: “Tijdens de coronaperiode zijn we projecten gaan uitwerken. Dat begon met piano, waar ik op reageerde met toetsen en drums. Warner maakte dan de tekst en de zang erbij. Dat werkte heel goed. Die wisselwerking, dat was een soort chemie die ontstond.”

Hoe verliep jullie proces van het maken van de nummers?
Warner: “Ik begin thuis met improviseren op de piano en met zang. Dat doe ik heel vrij, want ik geloof dat je jezelf minder opsluit als je improviseert: in plaats van gelijk in schema’s te denken, denk je meer over wat een mooie toevoeging of een mooi vervolg is. Daarna stuur ik een aantal dingen naar Marcel en dan kijkt hij wat hij gaaf vindt. Vervolgens spreken we af om dat op te gaan nemen. Zo bouw je het samen op. Soms leek iets bijvoorbeeld een heel klassiek nummer te zijn en dat werd dan best wel techno-achtig. We hebben op deze manier echt ongelofelijk veel gemaakt.”

Marcel: “We hebben heel uiteenlopende muziek gemaakt, maar veel paste echt niet op deze plaat. Voor de plaat hebben we gekozen voor nummers waarbij de focus ligt bij de zang en de piano.”

.
© Ilse Kalisvaart

Ondanks dat de focus in het EP ligt bij de zang en piano, heeft jullie laatste nummer ‘reflection’ geen zang. Hoe hebben jullie deze beslissing genomen?
Warner: “In het geheel van het EP vonden we het mooi. Om als je vijf nummers vol zang en dynamische verschillen hebt te eindigen met een stilte. De plaat even laten bezinken. Meestal kiezen we wel voor zang, maar soms is een nummer goed zoals die is. Dan ontstaat er ook weer ruimte voor andere lijnen, instrumenten en melodieën.”

Hoe voelt het voor jullie dat de muziek nu uitgebracht is?
Warner: “Opluchting. Het voelt lekker, want nu is het eruit en nu kunnen we er iets mee.”

Marcel: “We hadden een releaseparty in Den Haag en dat was echt heel positief. Er werd bij ons gewoon aan de lopende band muziek gekocht. Er waren mensen die twee of drie exemplaren meenamen. Dan denk je echt: ‘Wauw, dit is helemaal te gek.’ Ik ben wel eens met bands mee geweest waarbij de hele zaal explodeerde, maar er geen enkele plaat verkocht werd. Dat er bij ons muziek verkocht wordt is ook een soort van bewijs dat mensen het echt goed vinden. Het geeft echt een heel positief gevoel, dat mensen het gewoon willen hebben.”

.
© Ilse Kalisvaart

Hoe komt de titel ‘headprint’ terug in de nummers?
Warner: “In de nummers komen steeds terugkerende elementen voor, met name natuur en tijd. Alles beweegt in cycli: dagen, nachten, seizoenen, jaren. Toch veranderen we ondertussen voortdurend. Bijvoorbeeld bij ‘Changing of Days’ lijkt een bepaalde liefde zich te ontvouwen om de seizoenen heen, maar elk seizoen is weer anders.

In de teksten verken ik thema’s als zelfontwikkeling, onzekerheid, het vinden van geluk en het leven tussen dromen en werkelijkheid. Het zijn eigenlijk heel persoonlijke ervaringen die ik niet direct, maar via die terugkerende elementen beschrijf. Als mensen er dan naar luisteren, kunnen zij het op hun eigen manier interpreteren. Dat is wat we met ‘headprint’ bedoelen: we zeggen niet ‘dit moet je erin horen’, maar de nummers kunnen voor iedereen net iets anders betekenen. Zelf hebben wij een andere achtergrond en zijn we van een andere generatie, waardoor wij de nummers ook op onze eigen manier beleven."

Hoe was het voor jullie om de opgenomen muziek te moeten vertalen naar een live-versie?
Marcel: “We zaten er wel echt een beetje over in, daar ben ik heel eerlijk in. Je moet dan uit een soort laboratorium waar je alle mogelijkheden hebt, iets kunnen spelen met gewoon een paar handen en benen. Je bent heel beperkt in een aantal dingen, maar we hebben gelukkig twee fantastische gasten als muzikanten erbij gehaald: Sam van Tienhoven en Andro Ackerman. Zij hebben ook meegespeeld op de opgenomen versies.”

Warner: “Je gaat heel erg nadenken over wat het belangrijkst van het nummer is: wat we echt willen laten horen en wat er weg kan blijven. Dat is lastig, omdat je op de plaat heel veel partijen kan hebben, terwijl je het live met z’n vieren moet doen. De nummers worden dan op een hele andere manier behandeld.

Ik denk dat het ook weer terugvoert naar hoe we het gebouwd hebben in de studio. Het zijn allemaal bouwstenen, dus als je dat live gaat spelen ga je het allemaal weer uit elkaar halen en proberen om er op een andere manier iets van te bouwen. Daarom is het ook heel fijn dat Sam en Andro dat zowel live meedoen als op de plaat.”

.
© Ilse Kalisvaart

Zijn er nummers waarbij de live-versie heel verschillend bleek te zijn, ten opzichte van wat jullie tijdens het schrijven dachten?
Warner: “‘changing of days’ was heel lastig om live te doen, omdat het zo gestapeld is. We zijn het vanaf het begin op gaan bouwen en toen werd het op veel stukken een heftiger nummer dan dat het op de plaat was. Het was heel grappig. Ik wilde eerst de piano heel erg op de voorgrond houden, maar toen dachten we: ‘Wat als we die piano even weglaten?’ Dat werkte gek genoeg heel goed. Zo kreeg de gitaar nog meer ruimte.

Bij ‘nightfall’ ging het juist weer andersom. We wilden heel graag die droomwereld creëren met de piano, synths, drums en violen. Uiteindelijk hebben we het helemaal uitgekleed en eigenlijk alleen piano en zang gehouden. Dat was wat het moest zijn. Ik dacht eerst: ‘Deze moeten we heel hysterisch maken’, maar we hebben hem juist heel klein gehouden. Dat bleek nog mooier te zijn. Het is heel leuk om daarmee te werken.”

In reviews over jullie EP wordt veel in benoemd dat jullie muziek erg dromerig en dat Warners stem heel androgyn klinkt. Zijn dit bewuste keuzes geweest?
Marcel: “Warners stem is gewoon zijn stem. Heel veel mensen weten niet of het een man of vrouw is, ik vind dat zelf fantastisch.

De dromerigheid is wel een keuze. We willen echt in een soort trance raken en daarin verdwijnen. Alles moet naar achter, nooit te veel naar voren, daar hou ik nooit zo van. In sommige situaties, zoals bij een punkbandje, moet je er wel op die manier naar luisteren, maar ik hou er wel van als alles naar achteren is. Dan overkomt het je.”

Warner: “De androgyne stem is niet per se een bewuste keuze, maar ik merk wel dat mijn bereik breed is en daar wil ik wel graag gebruik van maken. Ik blijf niet alleen binnen een of twee octaven. Ik denk dat daar wel een soort androgyne kwaliteit omhoog komt, omdat het soms heel laag is en soms opeens heel hoog. Ik had ook een keer een review van een playlist gekregen en die zei: ‘dat stuk is al helemaal mooi waar die zangeres de hoogte in gaat.’ Ik vind dat juist heel mooi.”

.
© Ilse Kalisvaart

Wat kunnen de fans van jullie verwachten in de toekomst?
Marcel: “We willen gitaar een grotere rol geven. Nu zijn piano en zang heel erg de focus, maar het kan zo zijn dat dat de gitaar wordt. Dat ligt een beetje aan wat voor nummer het is. We hebben heel veel muziek en bepaalde nummers waarvan we zeker weten dat we die gaan meenemen in een volgend project. Die zijn ook behoorlijk af, maar het is nooit af genoeg.”

Warner: “Mensen kunnen vooral experiment verwachten, we gaan echt andere soorten muziek verkennen. Het zal wel onze sound blijven, daar zitten we lekker in en die willen we ook behouden. Het zal een verlengde zijn van hoe we werken. We willen elkaar blijven uitdagen en blijven experimenteren. Geen enkele plaat van endive zal hetzelfde zijn.

Mensen kunnen ook echt een debuutalbum verwachten. Het idee is dat we eind dit jaar of begin volgend jaar een nieuwe single gaan uitbrengen, in de loop naar het album toe. Of dat precies dezelfde endive zal zijn zullen we zien, ik denk het niet.”

.
© Ilse Kalisvaart