Good Kid maakt van 013 een speeltuin
Canadese indierockers sluiten hun tour af in een omgedraaide zaal

Van een wall of friendship tot Guitar Hero op het podium: wie op 3 oktober in de Main van 013 stond, kreeg geen gewoon concert maar een avond vol spelletjes, moshpits en grappen. Good Kid uit Toronto sloot in Tilburg hun tour af en kwam hun nieuwste plaat 'Can We Hang Out Sometime?' voorstellen aan het Nederlandse publiek. Met een kleurrijke show bracht de band hun bekende indierock op een speelse manier tot leven.
Voordat de Canadezen zelf aan de beurt zijn, warmt Last Dinosaurs de zaal op met Australische uptempo indierock die qua sound niet eens zo ver van de hoofdact af ligt. Ook de leden van Good Kid helpen een handje: gitarist Jacob Tsafatinos zet tussen het publiek de eerste moshpits in gang, terwijl bassist Michael Kosakov tijdens de afsluiter over de hoofden crowdsurft.



Daarna stapt Good Kid in een decor dat oogt als een videogame, met een getekende stad als achtergrond, een telefooncel vol graffiti en stapels oude televisies vol bloemen. Het vijftal trapt af met een reeks harde tracks, al werkt de gitaar van David Wood niet mee: het eerste nummer slaat hij over en het gekraak blijft nog even hoorbaar. Bij 'Witches' bedenkt de band zelf een slimme loophole: een wall of death mag niet, dus roept Good Kid een wall of friendship uit en bewegen beide helften van de crowd op het tempo van de song naar elkaar toe.

Welk liedje er volgt, maken Jacob en zanger Nick Frosst uit met een bootrace over de zaal. Iemand steelt de vlag van Nick, die voor 'No Time To Explain' strijdt, en zo trekt Jacob met 'Nomu' aan het langste eind. Van de nieuwe plaat komt live niet alles even goed uit de verf: 'Ginger Lemonade' en het later gespeelde 'Alone With Me' blijven wat vlak tussen het geweld van de rest. 'Tornado' maakt dat ruimschoots goed, want de track beleeft hier zijn Europese debuut en laat een nieuwe kant van de band horen: na een rustig begin komt het refrein binnen met vervormde gitaren en agressieve zang. Het gekste moment volgt bij 'Osmosis', wanneer de groep een fan naar voren haalt om Guitar Hero te spelen. 'Mustache Man' Nick scoort 46 procent, waarna de muzikanten hem nog 32 procent cadeau geven.


Na al die drukte valt het even stil. David speelt in zijn eentje 'Staying Warm', een ballad voor zijn vader, en 013 verandert in een zee van zaklampjes. Vervolgens krijgt de telefooncel een rol, want in 'Rift' zingt de frontman door de hoorn, wat zijn stem een telefoonklank geeft. Met 'Cicada' en hun versie van Laufeys 'From the Start' volgen de bekendste songs van Good Kid, voordat 'Summer' de set afsluit. De grootste grap komt van de fans zelf: wanneer de band terugkeert, staat iedereen doodstil met de rug naar de stage. Tijdens 'Madeleine' gaat de pit massaal roeien, waardoor de muzikanten hun lach niet meer kunnen inhouden. Met de laatste drie tracks van de plaat maken ze het album compleet, en eigenlijk wil de groep nog door, alleen vraagt 013 met vijf minuten op de klok vriendelijk om af te ronden.

Het is een energieke show waar de band zichtbaar lol in heeft, en dat werkt aanstekelijk. Wat Good Kid onderscheidt, is hoe ze het publiek overal bij betrekken: van de bootrace tot Guitar Hero voelt de zaal als een zesde bandlid. Na zo'n avond is er maar één antwoord op die albumtitel: graag, Good Kid.

