De show was uitverkocht, en dat is niet verrassend, want: Hiqpy bracht haar debuutalbum tot leven in een uitpuilende Next, en het was alsof je erbij moest zijn. Vanaf het moment dat in 013 Mood Bored het publiek opwarmde tot de laatste noot van de hoofdact, was dit een avond die liet zien waarom de Amsterdamse band zo snel uitgroeide tot een van de meest besproken namen in de Nederlandse indierock.
Local heroes Mood Bored openen de avond en doen dat heel goed, want noem maar eens andere driemansbands die net zo vol kunnen klinken als Timo, Daan en Myrthe. Vooral die laatste houdt alles bij elkaar met sterke baslijntjes, Daan strooit met gave gitaarsolo’s en Timo’s drumbeats doen precies wat ze moeten doen: simpele grooves neerleggen die zó raak zijn. Hun benadering van indierock sluit nauw aan op wat Hiqpy straks gaat doen, kortom: een beter voorprogramma voor de Amsterdammers dan deze driekoppige formatie kun je bijna niet krijgen.
Een energie en lef uitstralen terwijl je met drie jaar op de teller nog niet eens zo lang bestaat. Laat dat maar aan hoofdact Hiqpy over. Hun presence vult het sobere - maar niet kale - podium waarbij subtiel licht altijd past bij het nummer. ‘Girl In Red’? Dan baden we met z’n allen in rood licht en doen Abir, Victor, Tom en Kasper de rest. Die bewegen als één geheel waarbij opvalt hoe moeiteloos Abir het publiek weet te bespelen, maar ook de drums van Kasper goed binnenkomen. En het stereotype beeld van de onopvallende bassist wordt aan gort gespeeld door Tom.
Er zit een slimheid in de set van Hiqpy dat álle liedjes van het onlangs verschenen debuutalbum ‘Slow Death Of A Good Girl’ omvat. De uptempo nummers worden afgewisseld met rustigere songs, alsof de band al bij het maken van de plaat het live-gevoel altijd in het achterhoofd had. We krijgen zo op de juiste momenten adempauze en het geeft de meer gitaarcentrische nummers als ‘Cruel Code’ de ruimte om de catchy gitaarriffs goed op te slaan. Een meer bas-heavy lied als ‘Side Piece’ heeft op haar beurt weer een baslijn die je voelt voor je hem hoort, en zo kleurt de band ieder nummer op bijzondere wijze in. Dat er ‘maar’ twaalf songs worden gespeeld, is relatief kort, maar dat merk je aan niets; de set voelt compleet, alsof er niets ontbreekt.
De teksten van Hiqpy pakken ook. In nummers als 'Hedgehug' (een verwijzing naar het bekende ‘hedgehog’s dilemma’) en 'Bowie's Pressure' herhalen zinnen zich net lang genoeg om ze mee te neuriën nog voor het nummer voorbij is. En dat doet het publiek dan ook. Hiqpy merkt het en je ziet dat het ze energie geeft. De band speelt daardoor net iets harder, net iets gretiger, alsof het publiek de versterker is. Dat is niet toevallig: het is een band die weet hoe ze een show opbouwen én hoe ze een nummer schrijven. Of je nu al fan bent of niet: na een avond als deze ben je het.