YĪN YĪN swingt als een trein bij aanvang van de nieuwe dienstregeling
Oh Oh intâh-city, mauie stad tusse de spore
Wat is het toch een tof idee. Ingeklemd tussen de afbuigende sporen naar Utrecht en Rotterdam ligt het nieuwe alternatieve culturele hart van Den Haag, Inter-City. Nog niet zo lang geleden was dit een vergeten driehoek tussen de rails, een stukje niemandsland waar vooral treinen passeerden. Vanavond stoppen er zo’n vijfhonderd muziekliefhebbers voor een avondretourtje Zuidoost-Azië onder begeleiding van het Maastrichtse YĪN YĪN.
YĪN YĪN staat voor de onbalans in de yin en yang. En uit onbalans ontstaat creativiteit. Vraag maar aan de mensen van PIP, die het voor elkaar gekregen hebben om deze nieuwe speelplaats te realiseren. Het terrein oogt als een Berlijnse vrijplaats waar keurig aanharken helemaal onderaan het prioriteitenlijstje staat. Je kunt er eten, drinken, boksen, skaten en een boswandelingetje maken. En overal heerst het gevoel dat hier dingen staan te gebeuren waarvan nog niemand heeft bedacht waarom je het niet zou moeten doen.
Maar het is vooral ook een plek om muziek te beleven. Dit is geen podium voor grote namen, hier kom je om te ontdekken. Om van de wereld te vervreemden. En vanavond is er, voor het eerst in samenwerking met PAARD, een proefrit op het nieuwe traject. Het Space Age DJ Collective mag de zaal opwarmen en terwijl de exotische beats uitfaden met het opzij rijden van de dj-tafel, nemen de mannen van YĪN YĪN hun plaatsen in.
Zweterige disco
De band heeft inmiddels een aardig stapeltje platen onder haar arm, waarvan Yatta! het meest recente is. Nummers van dit album vormen de hoofdmoot van het optreden, met soort-van titeltrack ‘Yata Yata’ als hoogtepunt. De nummers worden uitgesponnen tot hypnotiserende jams waarin Thaise funk en traditionele luk thung samensmelten met seventies psychedelica en disco. En tegen het einde een oosterse variant op cumbia. Want ach ja, waarom ook niet.
De drums toveren de vers geschilderde zaal om tot een zweterige discotheek. De discobal doet zijn werk en de Korg van toetsenist Jerry Scheren voegt lekkere snerpende nostalgische synth-sounds toe. Gitaar en bas kronkelen als sensuele dansers langs elkaar en vangen in het meest bezwerende nummer ‘Pattaya wranger’ de sfeer van Sin City en al haar duistere geheimen.
Tegen het einde ontspoort de boel een beetje met een half geslaagde stand-up poging, waarbij ’Oh oh Den Haag’ niet wordt opgepakt door de zaal. Maar een spontane jam die ontaardt in ‘Radar love’ brengt band en publiek weer bij elkaar. Ondertussen laat drummer Kees Berkers als op hol geslagen levende drummachine zien dat zelfs een drumsolo dansbaar kan zijn. En gedanst wordt er. Op de vloer, op het podium, op schouders, op sokken, tot aan een moshpit aan toe.
Twee jaar geleden stond YĪN YĪN in een uitverkochte kleine zaal van PAARD. Nu voor een aanzienlijk groter publiek op deze nieuwe locatie. Een perfecte match qua capaciteit en sfeer, maar bovenal een heerlijk concert. Nadat eerder al prijsnummer ‘One inch punch’ voorbij komt, sluit de band af met het onweerstaanbare ‘Dis kô Dis kô’. Buiten is het nog licht, binnen klinken exotische beats en bezoekers nemen nog een drankje. Het is nog lang geen tijd voor de nachttrein naar huis.