Viezige rock 'n roll
J.C. Thomaz & The Missing Slippers over eindelijk een album
Het liet even op zich wachten, maar het moment is nu toch écht daar: J.C. Thomaz & The Missing Slippers brengt een album uit. Frontman J.C. Thomaz en de rest van de band ontvangt ons bij zijn studio om te praten over deze verzameling aan viezigheid en rock n' roll die al een tijdje op de planken ligt.
J.C. doet de deur open we stappen een heus kunstenaarshol binnen, waar de gitaarkoffers en drumkits op hoge planken opgestapeld liggen en je je nek breekt over de dingen die nog op de grond liggen. Hij grapt: ‘Het was ooit een nette studio, toen kwam ik hier en nu is het dit. Hier kan ik herrie maken, zonder gezeik’. We gaan zitten bij het pronkstuk van de studio: een tamelijk gigantische mengtafel, ‘Dit is misschien wel de grootste reden dat we het album hebben kunnen maken', zegt J.C. ‘Ik ben jaren bezig geweest om digitaal een dikke analoge sound te krijgen, maar met dit ding kan het vanaf nul volledig analoog.’
Accepteer de 'social' cookies voor deze 'youtube'-embed.
‘De intentie verandert met de mensen waarmee je speelt’
De vraag die het meest gesteld wordt in de muziekwereld is vaak: wanneer komt het album?. In het geval van J.C. Thomaz hebben we daar zo'n 20 jaar op moeten wachten. J.C. legt uit: ‘Ik was gewoon een kraker dus er was geen vastigheid. Er werd wel opgenomen. Alle nummers bestaan al heel lang en heb ik van begin tot eind geschreven. In mijn geest ben ik meer kunstenaar dan muzikant, dus ik dacht nooit: ik moet een album hebben. Ik maak gewoon muziek. Als ik daar mensen bij kan betrekken gaat het leven en ademen, dan ben ik niet bezig met wanneer je een album moet hebben'.
Sérgio (gitarist) vult aan: 'Het gaat volgens mij om intentie. De intentie verandert heel erg met de mensen waarmee je speelt. Het wordt een levend, fysiek iets waarbij ieder bandlid energie inspeelt en dat wordt dan uiteindelijk iets dat je live gaat voelen, omdat een publiek die energie weer teruggeeft, waardoor het een nog vetter geheel wordt'. Volgens J.C. en Sérgio is live spelen eigenlijk veel belangrijker dan welke opname dan ook bij het maken van het album: 'Een nummer is gewoon een schets, maar op het moment dat je dat live speelt met iedereen ga je beter begrijpen wat de essentie van een nummer is. We hebben met zoveel mensen gespeeld, iedereen brengt weer een ander vleugje. Van sommige nummers hebben we gewoon honderd versies'.
J.C. heeft door de jaren heen al heel wat Rotterdamse muzikanten versleten: 'Als we ergens speelden ging je gewoon met een hele club en dan begon je met vijf of zes man. Op het einde stonden er elf.' Zijn al die mensen te horen op de definitieve plaat? J.C.: 'Een plaat moet op een bepaalde manier klinken en nu klinkt het zoals het moet. Dat heeft niet te maken met wie er speelt, maar met hoe het gespeeld wordt. Het moet gewoon kloppen!'. Sérgio: 'Op een nummer als Kelly Lynn bijvoorbeeld zitten overdubs en reworks van de huidige formatie, maar de opname is eigenlijk al 20 jaar oud. Je hoort dus ook oude bandleden spelen'. Iedereen die heeft meegewerkt aan deze plaat zal netjes vermeld worden op de hoes. J.C.: 'Je groeit als een boom en ja, daar gaan appeltjes uit groeien en pleuren'.
Accepteer de 'social' cookies voor deze 'youtube'-embed.
Als mensen zeggen: je hebt de thematiek gemist, dan pak ik in
'J.C. Thomaz is rock 'n roll. Punt', begint Sérgio als we vragen of er nog enige thematiek te bespeuren is op het album. In veel interviews praten artiesten tegenwoordig maar wat graag over welke existentiële crisis terug te horen is op hun nieuwe album. Wanneer je dit aan J.C. Thomaz vraagt, krijg je een verfrissend en eigenlijk vrij simpel antwoord: 'Het heeft allerlei invloeden, het gaat helemaal terug naar 1930. Als jonge fan van muziek denk je: hoe hebben ze dat bedacht? Dan ga je terug langs eighties punk, langs de jaren zestig. Jaren terug was ik in The Player bij een lezing met oude beelden over de beginselen van de blues. Echte dixie-jazz van de jaren dertig en veertig, door mannen die nu in de negentig zijn. Wanneer ze klaar waren met de taptoe, gingen ze samen nog echt muziek maken. Dat waren die oude beelden: gewoon gasten allemaal op trommels met een mantra en een gast die helemaal los ging op een fluit rollend over de vloer. Er kwam geen gitaar aan te pas. Dat was de mooiste blues die ik ooit heb gehoord!'
Die opnames waren de reden dat J.C. zegt dat er nooit genoeg drums zijn, wat verklaart waarom de band met minimaal 2 drummers speelt. Sérgio ratelt verder: 'Ik begrijp sinds een jaar veel beter wat wij spelen. J.C. stuurt mij steeds meer muziek waardoor ik ook beter begrijp wat hij doet. Het synchroniseert steeds meer, ik hoef J.C. niet meer aan te kijken. Ik hoor gewoon waar we zijn, een wereld van verschil'.
Ondertussen komt bassist Sidhi ook binnen. Zij zat eerder al een periode bij de band en is nu ook weer van de partij. 'Dat is het mooie aan Sidhi, die had al een hele basis en een encyclopedie aan muziek in haar hoofd'. Ook manager Fleur komt binnen waardoor het steeds chaotischer, maar daarmee ook ongekend gezellig wordt. Terug naar de vraag: hoe zit het met thematiek? 'Nee er is geen thema zo van, nou vandaag gaan we het over bloemetjes hebben, nee dat heeft het niet', 'Ja maar je hebt heel de thematiek gemist!', klinkt het lachend vanuit de andere kant van de kamer. 'Nou, als ze dat zeggen, dan pak ik in!', reageert Sérgio. J.C. concludeert: 'Nee, de helft van de nummers gaan over een ex van me, maar dat is het dan ook'.
Rotterdam was gewoon een fucking woestijn
Bij 3voor12 Rotterdam zijn we altijd benieuwd naar hoe de artiesten de stad ervaren, zeker van een band die al twintig jaar aan de weg timmert. Dat blijkt samen te hangen met de bandnaam. J.C.: 'Ik had geen naam en ik geloofde niet in een naam, de beste naam vond ik Hank Williams, maar toen ik ging optreden moest er een naam op de flyer komen. Ik groeide op in Rio de Janeiro en keek tegen dat standbeeld van Jezus aan.' Dat zijn dus de initialen en the Missing Slippers dan? 'Vroeger was Rotterdam gewoon een fucking woestijn. De Binnenweg werd verbouwd, het was een zandvlakte. Er was niet veel, het zat niet mee voor de muzikant, het voelde als door de woestijn gaan zonder slippers'.
Hoe ziet de band de huidige staat van de stad. Is het woestijn-tijdperk afgelopen? 'Vroeger waren er alleen The Madd en Rats on Rafts. Er was niet veel meer dan de BommelBand, Dandy Dave had een garage band en Roberto speelde flamenco. Ondertussen is de hoeveelheid bands in de stad flink toegenomen, jonge bands die gewoon vanaf het eerste begin het dak eraf spelen en het wordt alleen maar meer’. Sérgio: 'Het mooie is ook dat iedereen elkaar oprecht gunt, je kijkt naar bandjes die voor en na jou spelen, er wordt gewoon een mentaliteit gedeeld'. Wel geeft de band aan dat ze een plek als Nighttown of Waterfront missen, Sidhi: 'We missen het grote poppodium met internationale allure, een plek waar grotere bands ons komen versterken. Een centrale plek waar Iggy Pop kan openen terwijl ook de Rotterdamse underground gevierd kan worden. Nu klink ik nostalgisch, maar dat past gewoon bij een wereldstad als Rotterdam. Zo krijgen kleinere bands zoals Systeemfalen of Uitzendbureau meer kans'.
The Great Rock 'N Roll Swindle
Het album was er niet gekomen zonder Slovenly Recordings, een Amerikaans-Amsterdams label. Fleur: 'Pete, de oprichter van het label, was al een tijdje fan van J.C. Thomaz. Toen hij vorig jaar in Europa was, hebben we heel snel een gig geregeld in de Tikibar zodat hij ons live kon zien. Toen is het gaan rollen.' Drummer Lemmy, die samen met de andere drummer Aswin zojuist binnen is geslopen, haakt hierop in: 'Dat was een vette show! Ik zat toen buiten te praten met een gast uit België die in Rotterdam gestrand was. Hij liep langs, vond het vet klinken en is heel de avond gebleven, dat vond ik wel een compliment.'
Het gesprek komt weer terug bij de analoge mengtafel, J.C. legt het nog eens uit: 'Het geluid dat wij maken hoort gewoon analoog te zijn. Als je het door deze tafel laat pompen kan je het gewoon in het rood sturen. Digitaal vreet het geluid elkaar op. Analoog geeft daarom meer warmte. Hoe zou de band dat geluid samenvatten? Lemmy geeft op deze vraag het beste antwoord en het daarmee ook het slotwoord: 'Sex Pistols, The Great Rock 'N Roll Swindle, pure garage rock 'n roll. Dat is J.C. Thomaz & The Missing Slippers!’.
J.C. Thomaz & The Missing Slippers komt op 22 mei uit. Kom dat vieren in Rotown op de 29e!