Maar jongens, wat is dit een groot feest. Van funky jamsessies tot de gevoeligere singles, elke noot ademt de geest van Prince. Wat een ongekend sterke muzikanten ook: zie Mike Scott eens naar voren lopen met zijn gitaar tijdens ‘Purple Rain’ en vervolgens moeiteloos een van de beste gitaarsolo’s die deze zaal ooit hoorde uit zijn mouw schudden. Dat Prince een artiest van eenzame hoogte is hoeft geen nieuwtje te zijn, maar dat er zo’n horde die-hards voor het podium zou staan (allen gehuld in een t-shirt dat waarschijnlijk al een langere levensduur heeft dan de schrijver van dit artikel) hadden we nu ook niet verwacht. Opvallend is hoe gemengd het publiek is: van een basisschoolleerling vooraan tot de oudere fans achter in de zaal, iedereen gaat even hard los. Mooi ook, hoe zelfs een man die qua uitstraling wat weg heeft van onze nieuwe premier aan het einde staat te dansen alsof hij morgen de finale van So You Think You Can Dance gaat winnen.
De band, bestaande uit doorgewinterde muzikanten die hun sporen hebben verdiend naast de legende zelf, levert een prestatie die niet alleen respect afdwingt, maar ook een gevoel van nostalgie oproept dat bij velen diep geworteld is. En waarom zou je je houden aan de curfew als Prince dat zelf ook nooit deed? Gewoon een dik halfuur langer doorgaan dan gepland, op die leeftijd, is bewonderenswaardig. Het publiek in Heerlen, dat net zo enthousiast en gepassioneerd is, maakt duidelijk dat de erfenis van Prince nog steeds springlevend is. In de Nieuwe Nor, ondergedompeld in een zee van liefde en muzikaliteit, voelt het alsof Prince zelf even terug is onder ons.