Buiten op de Grote Markt lopen vier mullets met bier in de hand het podium op. Ze werken ze zich half nonchalant door hun soundcheck heen. The Gnomes zijn op hun eerste buitenlandse tournee en kwamen onwetend aan bij het Haagse Sniester, maar één ding weten ze duidelijk wél: hoe je een podium volledig naar je hand zet.
Vier Australische jongens kijken vaag voor zich uit, waar zijn ze eigenlijk? Met biertjes in de hand lopen ze de soundcheck door. “Hi, we’re The Gnomes. We come from a place called Frankston, this next one’s about that joint.” Vier mullets vliegen synchroon de lucht in en komen hard neer op hun instrumenten. Het tempo ligt hoog, met felle gitaarsolo’s, strakke ritmes en precies genoeg rammel om het spannend te houden. Vooraan in het publiek komt het losser en losser; beginnen de eerste biertjes rijkelijk door de lucht te vliegen.
Qua uiterlijk lijkt de band rechtstreeks uit de jaren zestig te zijn weggelopen, maar nee hoor, “where we come from everyone dresses like this.” De muziek daarentegen is absoluut wel van die tijd. The Gnomes put hoorbaar inspiratie uit bands als The Kinks en The Beatles. Live delen de zanger en de tweede gitarist dezelfde microfoon om de harmonieën te zingen, terwijl hun kapsels alle kanten op bouncen. Ondertussen rollen, struikelen en stuiteren de bandleden over het podium. Alles voelt live, los en ongepolijst. Een waar jaren ‘60 spektakel, gemixt met een hedendaagse Australische garage-rocklaag eroverheen.
De band zingt vooral over dingen waar ze zich daadwerkelijk druk om maken, in dit geval hoe duur sigaretten wel niet worden. Wanneer ze 'Price of smokes blues' inzetten valt vlak voor het podium toevallig een brandende sigaret op de grond. Binnen een seconde wordt die alweer opgeraapt en verder gerookt. Deze Sniesterganger blijkt het roerend met de band eens.
Voor het podium kijkt ondertussen een vierjarig meisje nieuwsgierig toe totdat een langbehaarde headbanger haar voorzichtig bij de hand neemt om samen te dansen.