Rhodé Vree(st) de nacht in een rokje
Nieuw single van Rhodé Vree vraagt aandacht voor geweld tegen vrouwen
Er gaat zoveel goed in 'Zij is (niet) bang' dat je even moet stoppen om te bedenken hoe dat kan. Rhodé Vree is een beginnend artiest. Dat hoor je hier nergens.
Begin bij de intonatie. Haar dictie legt accenten waar zij die wil — niet waar het rijmschema dwingt, zoals de popmuziek dat vaak vraagt. Het rijmschema is hier minstens nevengeschikt aan de inhoud. Daardoor versnelt en vertraagt het nummer voortdurend, gevoelsmatig. De ene zin eindigt met twee langgerekte woorden van één lettergreep. De volgende zin, in diezelfde tijdspanne, bestaat uit vijf korte woorden. Zo legt ze een uitroepteken op betekenis zonder te schreeuwen. Het ritme draagt de emotie. Vraag- en uitroeptekens zonder een vragende toon of een uitroep. Dat is een talent dat je leert en slijpt door jaren ervaring. Dus hoe dan?
Die aanpak verklaart ze zelf. Rhodé Vree groeide op in een huis waar muziek de enige toegestane hobby was, maar popmuziek verboden. Bach, Russische koorzangen, Taizé-hymnes. Wie daarmee opgroeit, leert blijkbaar anders naar tekst en cadans te luisteren dan hen die met popmuziek opgroeiden. Je hoort het terug in hoe haar liedjes zijn opgebouwd — volwassen en complex op een manier die je bij een debutant niet verwacht. Zonder muzikale vergelijkingen te maken doet het denken aan het werk van Eefje de Visser (zonder die esoterische zweef) en zeker ook wel aan de kleinere nummers van Florence & the Machine. Dat is geen kleine vergelijking, dat weten we.
Wat dit nummer echt sterk maakt, is dat Rhodé Vree dit geheel wel toch nog wat poppie muziek heeft gezet; het oor wordt niet geteisterd door een teveel aan incoherentie. De constante wisseling tussen bijna atmosferisch en kort en puntig, wordt sterk begeleid door een keuze voor simpele muziek die voortgaat als een rechtdoor stromende beek. Maar wel een die steeds dreigender klinkt, naarmate Rhodé Vree haar punt verder onderstreept. En een punt wil ze maken, want dit is een campagneliedje.
Campagneliedjes… Wij zijn er niet zo van en dan precies om die reden dat we zo onder de indruk zijn van dit nummer. In oorlog is de waarheid het eerste slachtoffer; bij campagnes is dat doorgaans subtiliteit. Campagnenummers zijn dan ook een bananenschil waarop artiesten klein en groot glorieus zijn uitgegleden. De betuttelende variant toont slachtoffers als zielige wezens: geef gul! De beschuldigende variant identificeert met het slachtoffer (ook betuttelend) en wijst naar de luisteraar die niets doet: een lul! De ergste variant combineert die twee. 'Zij is (niet) bang' is onderdeel van de campagne tegen geweld tegen vrouwen. Bewust uitgebracht op Internationale Vrouwendag, sluitstuk van de lokale 'Orange the World'-campagne. Met voorgaande in gedachten, houd je je hart van tevoren vast.
Onnodig! Rhodé Vree ontwijkt niet zozeer valkuilen: ze herdefinieert het genre.
Ze beschrijft de zij en de ik van de vrouwenkant. Ze benoemt het type verkeerde man — maar ook het type goede, een "fijne man". Ze zingt teder en observerend. Niet beschuldigend, maar liefdevol. Bijna een intiem portret in plaats van een verhaal dat je opgedrongen krijgt. De nacht, de droom, het rokje — de beelden zijn perfect zonder plat te zijn, en Rhodé Vree versterkt ze door ze uit te diepen in plaats van ze enkel naast elkaar te plaatsen. Nacht en dromen zijn onlosmakelijk verbonden. Zo ook dat het een droom blijft om met een kort rokje alleen in de nacht te zijn. “Waarom kan ze niet geborgen zijn in plooien van de nacht?” (mooi gevonden, rokje,plooien en nacht!). Zonder vrij zijn, geen mens zijn.
En dan de videoclip: minimale middelen, bol van symboliek. Rhodé Vree laat al die symboliek onder de oppervlakte van het beeld en de tekst zitten. Ze benoemt niet en legt het er niet bovenop. Die anonieme man die zowel teder en beschermend is als gluiperd. Hij ziet er telkens hetzelfde uit. Hoe zie je dan het verschil? Ook, Rhodé (rode?) heeft in haar clips altijd dezelfde outfit: blauwe halflange jas met een rode sjaal om haar hoofd gewikkeld als Roodkapje. Dat valt hier precies op zijn plaats. Pippi Langkous is de populaire meme voor sterke vrouwen. Maar Pippi was altijd kind, supersterk, rijk — voor veel mannen ook een wensdroom.
Maar hoe verging het Pippi toen ze ongesteld werd, puistjes kreeg, social media? Welke man had genoeg ego om van haar te houden? Roodkapje trotseert de wolf uit liefde voor oma, is hem in het bos zelfs nog te slim af. Slimmer dan de Boze Wolf! Maar ze wordt opgegeten, verliest het van de kracht van de wolf, niet zijn slimheid. Roodkapje wordt dan gered door een “fijne man”, één die nota bene jager is. Maar, zonder die wolf zou Roodkapje die jager niet nodig hebben. “Laat haar met rust!”
Zo klinkt een campagnelied dat zijn eigen campagne overleeft.