Paaspop 2026: Roxy loopt warm voor de klappers van Dio
Nieuwe Dio krijgt ruimte, maar oude Dio wint de zaal
“Wie van jullie heeft De VluGtlaan níet gehoord?” klinkt er in een uitpuilende Roxy. Een aantal handjes steken op. “Dat is veel te veel!” roept Dio, maar: “Dat maakt niet uit, ik zal jullie wat nummers laten horen!”
Het is de comeback van de Amsterdamse rapper die de afgelopen jaren wel wat singles heeft uitgebracht, maar metDe VluGtlaanna een goede tien jaar pas weer met een volledig album op de proppen is gekomen. Een introspectieve plaat over onder andere zijn jeugd, waarvan trappy bangers ‘HOSSELAAR’ en ‘Z.M.O.K.’ (dat voor ‘zeer moeilijk opvoedbare kinderen’ staat) de tentflappen van de Roxy goed laten klapperen, maar tegelijkertijd voel je aan alles dat hier vooral met smacht wordt uitgekeken naar dé hits.
Dat snapt Dio zelf ook, die opent met ‘Aye’ en maakt daarmee direct duidelijk dat hij op het technische vlak nog altijd een van de begaafdste rappers is van Nederland. Het hoge tempo van het nummer is voor hem geen bezwaar, iedere line gaat smooth en er wordt gedurende deze show van 45 minuten geen enkele bar (en dat zijn er nogal wat) vergeten of naast gezeten. Maar de handjes van daarnet verraden wel al dat het voor Dio een lastige klus is om iedereen net zo hyped te maken voor zijn nieuwe materiaal. Single ‘Laatste Keer’ met producer Trobi is nog maar net een paar maanden uit, is een fijne house-meets-hiphop plaat, maar gaat pas los als Dio oproept tot een sit-down. De planken trillen, Dio ziet het met een grijns aan: "Misschien moeten we nog een beetje inkomen, het festivalseizoen is pas net begonnen hè?”.
Dat ‘beetje inkomen’ zit wel goed als hij het drukke ‘Opzij’ (met een refrein dat refereert aan het Herman van Veen-nummer) inzet en met zo’n tracktitel is het natuurlijk vragen om een wall of death. Die komt er ook en wát voor een; de drop is niet het enige dat valt in een snikhete Roxy: op het podium valt er ook van alles aan apparatuur en het zindert hier van de ontlading. Amper daarvan gekomen, begint het orgeltje van het ‘Dom, Lomp en Famous’ intro en kraait, gilt en schreeuwt een paar duizend man om Dio heen. Big smile bij de rapper: “Dit nummer doe ik bijna nooit live!” en het is bijzonder om te zien hoe een track dat volgend jaar alweer twintig jaar (!) oud hier de status van absolute klassieker meer dan waard maakt.