Motel Mozaïque heeft de gouden formule

Vernieuwing blijft ook dit jaar de constante

MOMO 2026
  • Linda Chen
  • Roel Teeuwen
  • Mick Arnoldus
  • Marie Beke
  • Toine van Mourik
  • Babette Cremers

Het minimumloon stijgt gestaag door, huurprijzen in de stad tonen ook geen kentering en de Straat van Hormuz blijft en blijft en blijft maar dicht. Een Big Thief of Fontaines D.C. zoals voorheen zit er dus (al jaren) niet meer in, maar het blijft verbazen hoe compleet prima we dat vinden. Want Motel Mozaïque blijft het innovatiefste festival van de stad, dat steevast inzet op die parels van de toekomst, en blijft staan voor waar het in gelooft: diversiteit in ethos en geluid, vernieuwing, verbreding van horizons en vermenging van disciplines. Ook dit jaar liet MOMO zien een pionier te zijn. Dit zijn onze (24!) hoogtepunten uit het muziekprogramma, op volgorde van dag.

Donderdag 16 april

Punchbag

Punchbag heeft een hyperspecifieke opvatting van punk. Eentje waarvan wij dachten dat die (net als de 'boots with the fur' van de zangeres) in de 00’s was achtergebleven. Denk The Subways, The Ting Tings, Dresden Dolls, Lykke Li, Yeah Yeah Yeahs, en Hadouken. Als je nu het idee hebt dat maar een kleine groep mensen nog weet wie dat zijn, dan heb je gelijk. Laten nou net die mensen vanavond hier in Rotown zijn samengekomen. Qua leeftijd zou het ook heel goed kunnen dat ze allemaal op Lowlands 2008 even hard stonden te springen als hier nu. Want dat moet je Punchbag nageven: ze komen met een energie alsof ze de Alpha mogen openen.

MOMO 2026
© Dico Kouwenhoven

Fellatio

Twee drummers, is dat ergens goed voor? Jazeker, voor de krautpunkmanieën van Fellatio. Deze grooves leg je niet zomaar neer. Na de tijdscapsule van Punchbag eerder op de avond krijgt men hier iets voorgeschoteld dat fris en tijdloos tegelijk voelt. Van begin tot eind is het publiek gefixeerd op het hoofddeksel van de zanger, die als volleerd dompteur de zaal leidt. Dan weer tussen het publiek, dan weer op de rand van het podium, ruig gesticulerend. Luisteren naar Fellatio is een oefening om in elk ogenblik iets nieuws waarderen. Je verstaat geen moment wat er gegromd wordt, maar het voelt urgent, en je blijft benieuwd naar wat er daarna gaat komen. Als dit de oogst van twee jaar spelen is, zijn wij bijzonder benieuwd naar wat er nog kan volgen.

MOMO 2026
© Dico Kouwenhoven
BINA.

BINA. geeft de concertbezoeker in feite precies wat die wil, maar speelt wel met onze verwachtingen. We herkennen onze favoriete liedjes, maar zij gebruikt ze meer als losse richtlijnen. Ze speelt de nummers zoals zij dat op dát moment aanvoelt, met haar eigen artistieke vrijheid in pacht. De Londense artiest met Nigeriaanse roots heeft al samengewerkt met grote namen als KOKOROKO, Korey Radical en Isaiah Rashad, en heeft het voorprogramma verzorgd voor niemand minder dan Little Simz. Met een vierkoppige band en haar dromerige stem schakelt ze behendig tussen R&B, neo-soul en hiphop. Bij de zwoele tracks ‘Dopamine’ en 'Blackjack' vibreren we rustig mee met de bas, met haar splinternieuwe single 'Zombie' worden we weer ruw wakker geschud. Ze danst en springt over het podium van Worm, en we zijn los.

Weval

Melancholisch maar dansbaar, dat is een combinatie waar niet veel artiesten in slagen, maar eentje waar het dj- en muziekproductieduo Weval bekend om staat. In hun laatste project, Chorophobia, zetten ze echter een stap in een andere richting. De titel van de plaat, geïnspireerd door huisfeestjes, staat voor dansangst, en de plaat zelf gaat over hoe ze daar overheen proberen te komen. Met invloeden uit deephouse, dance, maar ook breakbeats, nemen ze het publiek mee in hun reis. Aan het begin van het uur lijkt het publiek ook nog wel iets van chorophobia te voelen, maar aan het einde van de met flitsende lichten en gesynchroniseerde discoballen gevulde set lijkt iedereen over zijn angst heen te zijn gekomen. Even vergeet je dat het een donderdagavond is in Theater Rotterdam, en waan je je ergens vroeg in de ochtend in Berlijn. Hoe ver lopen is het naar Friedrichstraße?

Vrijdag 17 april

Nusantara Beat

In de grote zaal van Theater Rotterdam bevestigt Nusantara Beat waarom de band dit jaar Artist in Residence is. Tijdens hun driedaagse aanwezigheid in Rotterdam brengt de supergroep met leden uit EUT, Jungle by Night en Altin Gün hun warme, groove-gedreven sound tot volle bloei. Die sound is geworteld in Indonesische tradities en verrijkt met psychedelische indiepop-invloeden. De zaal start nog rustig, maar met strakke fills, een pulserende bas en melodieuze gitaarlijnen trekken ze het publiek snel mee. Megan ziet er zoals altijd weer geweldig uit in haar goudzwarte traditionele Indonesische jurk, maar haar fijne stem die zich in de mooiste melodieën buigt is nog aangrijpender. Ze blijkt ook nog eens jarig te zijn, wat het optreden een extra feestelijk randje geeft. Tegelijkertijd blijft alles, ondanks de complexe ritmes, indrukwekkend strak. Na een korte dip in energie herpakt de band zich volledig richting een dansbare finale. Authentiek, gelaagd, en onweerstaanbaar energiek.

MOMO 2026
© Dico Kouwenhoven

My First Time

Deze Britse dancepunkers knallen er meteen in. Niet alleen figuurlijk, want de frontman duikt vanaf het eerste nummer het publiek van een uitpuilend Rotown in. Met zo een volle zaal zal het je verbazen dat het hun eerste keer in Rotterdam is. Hun sound, ergens tussen IDLES en LCD Soundsystem, voelt urgent, cynisch en ontzettend dansbaar. Na de eerste paar knallers kondigt leadvocalist Isaac aan dat ze het even wat langzamer gaan doen, ‘sorry’. Maar ook dit gaat ze goed af. De urgentie blijft en hij laat horen dat hij naast schreeuwen ook met gevoel kan zingen. Gelukkig beuken ze daarna weer lekker door. ‘Now we move!’ Tijdens 'Celebrity' volgt een intiem moment, wanneer Isaac iemand uit het publiek trekt voor een intense serenade. Tegen het einde wordt de moshpit dan toch aangewakkerd met afsluiter ‘Bodybag’. Chaotisch, brutaal en bovenal explosief.

MOMO 2026
© Dico Kouwenhoven

Grote Geelstaart

Langzaamaan komt Grote Geelstaart terecht op plekken die moeten uitwijzen hoeveel tolerantie een gemiddeld publiek heeft voor hun woeste collages. Prodigy’s klassieker Music For The Jilted Generation had ook even tijd nodig om door iedereen op waarde geschat te worden. De muziek voor de ADHD-generatie van Grote Geelstaart jaagt de eerste tien minuten direct mensen weg. Op overdonderende wijze laten de Zeeuwen zien dat ze alles kunnen spelen wat ze willen. De tijd zal leren hoe lang ze het willen, want een natuurlijk plafond aan waardering begint zich af te tekenen. Je kunt nog zo absurd goed zijn, als niet genoeg mensen het willen horen zit er een limiet op wat je kunt bereiken. In een betere wereld vervangt Grote Geelstaart zowel BLØF als Racoon op Concert at Sea.

MOMO 2026
© Dico Kouwenhoven

Wesley Joseph

Gehuld in rook begint Wesley Joseph bescheiden, bijna verlegen, aan zijn eerste nummer in de Arminiuskerk. De zachte tonen van de muziek echoën de warme tonen van de rode en paarse lichten. Eigenlijk is het ongelooflijk dat het debuutalbum, Forever Ends Someday, nog maar een week geleden is uitgekomen. Al sinds 2020 brengt hij muziek uit, onder andere met Loyle Carner en jeugdvriend Jorja Smith. Van intieme verhalen op een rustige begeleiding springt hij naar snoeiharde flows op een grimebeat en keert hij net zo snel weer terug. De muziek doet soms denken aan Kaytranada, soms aan Rejjie Snow, soms zelfs aan Frank Ocean. 'It’s my first time in Rotterdam', vertelt Wesley ons, en we hopen dat het niet de laatste keer zal zijn.

MOMO 2026
© Sam van Bekkum
Bonsai

Het gros van de bezoekers doet nog rustig aan, maar Bonsai, de Rotterdamse synthjazz-formatie van Thomas Reining, lijkt vastberaden om daar verandering in te brengen. Onder invloed van het trio begint de playground langzaamaan te bewegen en pulseren, voortgestuwd door strakke gebroken beats, vuige basslines, uit de bocht vliegende synths en elektrische piano-solos. Het is eigenlijk jazz voor de late uurtjes, voor de zweterige, rokerige dansvloeren. Op de vroege middag in de volle zon met een kop koffie in de hand is de setting dus misschien niet ideaal, maar ze houden zich goed staande en krijgen het loungende publiek richting het einde grotendeels uit hun stoelen.

stay away from dante!

Vlinders, vlinders, vlinders: stay away from dante! is de perfecte artiest voor de vroege lenteavond. De Amsterdamse rapper speelt misschien wel op het Schouwburgplein, maar als je je ogen dicht doet waan je je zo op een picknickkleed in het park. De zon schijnt; er is een briesje; je limonade is koel. Dantes debuutalbum, Duizend Volle Manen, speelt zich af in een circussetting. Hij staat dan ook op het podium met ballonnen, glitterhandschoenen en een bruine leren koffer. Af en toe schroeft hij de energie omhoog, maar op de meeste momenten voelt het alsof we stilaan voortkabbelen op een boot. De harmonieën nodigen uit om weg te dromen op dezelfde manier als Tyler, the Creator je doet doen in 'Call Me If You Get Lost' of Outkast in 'Prototype'. Of je nu wel of niet verliefd bent, lentekriebels gegarandeerd.

Rival Consoles

De arbeid die Rival Consoles in de muziek en visuals gestoken heeft is zichtbaar. Zeker de visuals zijn met geen mogelijkheid generiek te noemen. De muziek daarentegen, hoewel er zeer goed van te genieten is, klinkt als veel wat we al kennen. Hoeveel ruimte is er op de podia van deze wereld voor Rival Consoles als we Max Cooper en Jon Hopkins al hebben? Hoe dan ook, nu staan we hier prima te genieten.

Zimmer90

Voor Zimmer90 is het de eerste keer in Rotterdam. Het indiepopduo brengt een warme, dromerige set die doet denken aan RÜFÜS DU SOL en Odesza. Hun muziek, met die heerlijk lange opbouwen, voelt als de zonsondergang bij de Alpha-heuvel op Lowlands: licht en euforisch. Je ziet duidelijk hoeveel bewondering deze band heeft voor het publiek en het plezier straalt er vanaf. Tussen de zonnige klanken sluipen precies op de juiste momenten donkere club vibes naar binnen, waardoor de energie blijft stromen. Ook de lichtshow draagt daar sterk aan bij en was het hele weekend ook opvallend goed in de grote zaal van Theater Rotterdam. ‘Makes Me Wanna Dance’ doet zijn naam eer aan, en bij ‘For You’ wordt er goed meegezongen. Tijdens ‘Movin’ gaat iedereen nog één keer door de knieën, om daarna alles eruit te dansen. De energie gonst nog lang na de nacht in bij het selecte gezelschap dat hierbij was.

Zaterdag 18 april

Crybabies

De luisterervaring van Crybabies, het Tilburgse viertal dat met haar grungepunk soms doet denken aan The Breeders, is op het Schouwburgplein toch anders dan wanneer hun intieme teksten via de koptelefoon je oren binnendringen. Live lijken ze net iets van hun scherpte te verliezen. Waar dat aan ligt, valt moeilijk te zeggen. Niet aan een gebrek aan energie, want op het podium spat het plezier ervan af. Toch blijft het publiek vandaag wat op afstand en komt het niet echt los. Wat wel blijft hangen: dit is een band waar je moeiteloos een dag mee kan doorbrengen. Juist omdat hun verhalen zo kwetsbaar en introspectief zijn. Want we voelen ons allemaal weleens de bad guy in een relatie, toch?

MOMO 2026
© Leah Wilhelmina

Sarah Julia

Het Rotterdamse duo Sarah Julia heeft de smaak te pakken. De afgelopen maanden speelden ze vooral buiten Nederland, met shows als support voor Faye Webster, Paris Paloma en Mon Rovîa. Vorig jaar stonden ze nog op Lowlands, nu keren ze terug naar 010.

In de Arminiuskerk brengen ze een verstilde set vol harmonieën, folkinvloeden en subtiele elektronische accenten. Het publiek is muisstil en luistert aandachtig naar nummers van hun laatste twee EP’s en van het aankomende debuutalbum The Fear That This Is Real, dat op 9 oktober verschijnt. Voor 'Conspiracy Theorist' stappen ze het podium af en spelen ze midden tussen het publiek. Intiem en raak. Ook tekstueel snijdt het duo iets aan: in 'Daughters' zingt Sarah Julia over de onveiligheid van vrouwen, met de regel: 'I don’t wanna fear having daughters.' Rotterdam omarmt het duo opnieuw, maar dit keer met internationale kilometers op de teller.

MOMO 2026
© Sam van Bekkum

Joshua Idehen

Spoken word en dance zijn misschien genres die je niet snel bij elkaar zou plaatsen, maar Joshua Idehen laat het werken. Midden in zijn tour door het Verenigd Koninkrijk (gisteren was hij nog in Manchester, maandag staat hij alweer in Leeds) treedt hij op in de Arminiuskerk, en het lijkt alsof de Brits-Nigeriaanse dichter en muzikant daar altijd al is geweest. Bijgestaan door vaste creatieve partner en producer Saturday, Monday neemt hij ons mee in zijn verhalen op funky discobeats waarbij je onmogelijk stil kunt blijven staan. In zijn nummers gaat hij de moeilijke onderwerpen (depressie, eenzaamheid, genocide) niet uit de weg, maar toch tovert hij vooral veel gelach tevoorschijn. Immers: 'Depression cannot hit a moving target. Rhythm is my weapon and I’m here to fight'. We luisteren, we dansen, en we staan onszelf toe om ons hoopvol te voelen.

MOMO 2026
© Sam van Bekkum

Keo

De Londense band Keo is de belichaming van deze mega metropool. Losjes, maar met een precisie die pas later opvalt. Met flair en zelfverzekerdheid betreden de bandleden het podium en rammen ze zonder enige onderbreking door hun setlist. Van het energieke ‘That’s Me’ naar het gevoelige ‘Interlude’: de mannen tonen zich veelzijdig en scherp. Keo werd al eerder genoemd als 'the next best thing', en daar kunnen wij ons goed in vinden.

MOMO 2026
© Leah Wilhelmina

Boko Yout

Het Zweedse Boko Yout komt binnen als een wervelwind en houdt dat tempo een uur lang moeiteloos vast. Wat het publiek te horen krijgt laat zich niet makkelijk vangen, al noemt Boko Yout het zelf afrogrunge: rauw, ritmisch en vol onverwachte wendingen.

Frontman Paul Adamah schiet van links naar rechts over het podium, maar maakt al snel duidelijk dat zijn speelveld groter is dan alleen de planken. Hij duikt de zaal in, verdwijnt uit beeld en verschijnt even later plots bovenin het theater. De cameraman en fotograaf van dienst hebben zichtbaar moeite hem bij te houden. De setting van deze schouwburg blijkt perfect voor deze theatrale chaos.

De finale komt met 'La La La La La': het refrein, de meezinger en tegelijk de titeltrack van album GUSTO. De zaal zingt hem collectief naar huis.

MOMO 2026
© Sam van Bekkum

Man/Woman/Chainsaw

Eerder stond Man/Woman/Chainsaw hier ook al, tijdens Left of The Dial. Ook toen was 'In Da Club’ van 50 Cent de opkomstmuziek. Ook toen veroverden ze de harten van zo’n beetje iedereen. Waar veel bands die met opvallend veel mensen op het podium staan helaas niet bewijzen waar al die mensen voor nodig zijn, is dat hier vrij duidelijk niet het geval. Het is alleen erg zonde dat al die delen door het rommelige geluid net niet lekker uit de verf komen. De band past qua sound moeiteloos in het rijtje met meer bands uit Londen, van de Windmill Scene rond Black Country, New Road bijvoorbeeld. Niet geheel toevallig speelden ze daar zelf ook al een aantal shows. We weten niet hoeveel bandjes nog meer uit dat vaatje gaan tappen de komende tijd, maar vooralsnog blijft het naar meer smaken.

MOMO 2026
© Leah Wilhelmina

Obongjayar

Plots is hij daar dan, Obongjayar. Met een intense, bijna bezeten blik staart hij het publiek in. Hij beent over het podium met een gebolde rug en aangespannen spieren. Af en toe slaat hij een kreet uit. Dit is zijn territorium, hij is hier de baas en jij zal bewegen. En hij heeft ook wat te zeggen. Zijn laatste album, Paradise Now and Forever, klinkt urgenter dan zijn debuutalbum, zoals in het nummer 'Talk Olympics'. Dat hij de headliner is, is te merken: hij hoeft maar een paar maten te spelen van 'Point and Kill' en het publiek doet de rest. Het podium trilt, de snoeren en stekkerdozen vliegen omhoog door het gedreun van zijn laars, en zijn shirt is al lang ergens in een hoekje verdwenen. 'Hij gloeit!' horen we achter ons, en wij gloeien met hem mee.

MOMO 2026
© Sam van Bekkum

Mandy, Indiana

Vrij vroeg in de set klapt Mandy, Indiana erin met hun enige Engelstalige nummer. Wie hierna nog weg durft te kijken van grensoverschrijdend gedrag in de intieme sfeer, moet misschien ophouden met dit soort eufemismen ervoor. Volg gewoon de Mandy, Indiana-methode: keihard beuken tegen het patriarchaat. Een aanval op de zintuigen, waarbij zelfs de Franse taal een mokerhamer wordt. Het experimentele randje, met soundscape-achtige intermezzo’s en de vrij unieke manier waarop gitarist Scott Fair zijn instrument inzet, prikkelt het publiek nog meer. Geen moment waan je je veilig, en toch wil je blijven. Je wenst niemand toe dat diens binnenwereld klinkt als deze band, ook al wens je iedereen toe dit een keer te horen. Sommige boodschappen zijn nu eenmaal geen pretje, maar wel broodnodig.

Kagami

Kagami ademt funk. Verstopt achter een stapel synthboards en drummachines weet het duo het gevoel van de Japanse city-pop uit de jaren ‘80 naar het heden te brengen, al spreken de artiesten beiden geen woord Japans. Het Rotterdamse duo is een ingetogen formatie met een dansbare boodschap. De cheesy lyrics, synth- en vocoder-solo’s vliegen ons om de oren. Het tempo wordt opgevoerd en tijdens de climax is de hele Playground een dansvloer geworden. En dat in een half uurtje, om 2 uur ‘s middags. Niet gek.

Abel Natürlich

Dat we Abel tijdens een Personal Trainer concert in een mast hebben zien hangen doet er even niet toe. Wat wel telt: ook zittend achter de toetsen straalt hij met zijn band dezelfde gekte en energie uit. De vrolijke noten die ons vanaf het podium bereiken hebben het abrupte, staccato karakter van musicalliedjes. En zijn ook direct uit het leven gegrepen: grappig, ongemakkelijk en herkenbaar. Juist daardoor blijft er aan het eind van deze set ook iets van de lichtheid bij ons hangen.

Abel Ghekière

Horen we nou vogels in het theater? Een krakende stoel? Vlaams gekibbel tussen een kind en een volwassene? Via veldopnames neemt Abel Ghekière ons mee in de romantiek van het dagelijkse leven. Zijn muziek is de perfecte soundtrack om op een regenachtige dag bij uit het raam te staren. Het is kleinkunst met een nostalgische twist, waar de ingetogen strijk- en blaaspartijen het decor vormen voor alledaagse mijmeringen. Wat is de wereld ook mooi, hoor je jezelf bijna zeggen. En schoonheid ziet Abel in alles, zelfs in de betonnen, brutalistische zaal van het theater. 'Dit is de mooiste zaal waar ik ooit gespeeld heb', deelt hij mede. We geloven hem meteen.

Olive Jones

In BIRD staat vanavond onder meer de Londense artiest Olive Jones op het programma. We treffen haar op een goed moment: vorige maand verscheen haar album For Mary, een plaat vol rustige, soulvolle songs met flinke scheuten blues. Tijd om te horen of de plaat weerklank vindt onder de hofbogen. Het vonnis: eigenlijk blijft dat geluid moeiteloos overeind. Jones beschikt over een stem die doet denken aan Lydia Kitto: warm en trefzeker. Haar band is uitstekend op elkaar ingespeeld. Subtiele toevoegingen van toetsen, drums en gitaar houden de set spannend zonder de songs te overstemmen.

Het publiek oogt aanvankelijk wat gereserveerd, maar luistert aandachtig. Jones merkt het zelf ook op: 'You are one of the quietest crowds in a long time, in a good way', geeft ze ons mee. Bij 'End of Time' mag er eindelijk meegezongen worden en ontdooit de zaal zichtbaar.

De muziek van Olive Jones is gemaakt voor een luie zondag op vinyl. Vanavond blijkt: live op een zaterdag werkt het minstens zo goed.