MOMO Festival vertrouwt op het onbekende
Drie dagen dwalen door muziek, de nacht en de stad zelf
Ervaren festivalgangers zijn gewend om dagen van tevoren de line-up in te duiken, lijstjes te maken en een route uit te stippelen van podium naar podium. Tijdens MOMO festival mag die planning wat losser. Het festival programmeert namelijk voor het ontdekken; voor het ergens naar binnen lopen zonder precies te weten wat je gaat zien. Ze hopen juist dat je belandt bij iets wat je niet had gepland, maar achteraf nooit had willen missen.
Terwijl andere festivals zich steeds nadrukkelijker vastklampen aan grote namen en nog grotere prijskaartjes, blijft MOMO vasthouden aan iets dat moeilijker te vangen is: de waarde van het onbekende. En hoewel er ook gevestigde namen als Weval, Obongjayar, Zimmer90 en een residentie van Nusantara Beat op de posters verschijnen, ligt de focus ergens anders. MOMO weet al jarenlang juist de headliners van de toekomst te programmeren (van Antony Szmierek, Fontaines D.C. en Big Thief tot Mahalia en Kokoroko). Naast die blik vooruit blijft het festival zich onderscheiden door toegankelijkheid, waardoor je je als bezoeker drie dagen lang kunt laten onderdompelen voor slechts honderd euro.
Ook de line-up van dit jaar laat zich niet in één richting vangen, maar beweegt tussen stijlen en scenes. Zo brengt Mandy, Indiana een intens, industrieel geluid dat langzaam opbouwt en schuurt, terwijl Joshua Idehen zijn spoken word laat leunen op ritme en herhaling, ergens tussen poëzie en clubcultuur in. Artiesten als Wesley Joseph bewegen zich daartussen, met een mix van introspectieve teksten en psychedelische invloeden.
Rotterdam is tijdens het festival geen decor, maar een gids. Overdag begint dat bij Playground, het gratis toegankelijke programma van MOMO, dat vanuit de stad zelf wordt opgebouwd. Op en rond het Schouwburgplein, en verspreid door het centrum, nemen lokale artiesten en collectieven het voortouw met muziek, talks en workshops die de stad van binnenuit laten zien. Vanaf het plein vertrekken ook de tours: gecureerde wandelroutes die je langs plekken en verhalen voeren die je normaal misschien ontgaan, maar die zichtbaar maken wat er in de stad leeft.
Wanneer de avond overgaat in de nacht, verschuift het tempo naar 160K, waar MOMO Nights de stad een ander ritme geeft. Hier wordt het festival niet afgesloten, maar opgerekt. Sets vloeien in elkaar over, tijd verliest zijn scherpe randen, en opnieuw ontstaat datzelfde gevoel: dat het festival zich niet laat sturen, maar je meeneemt.
Ook buiten de muziek blijft het festival zich verbreden. In de Black Box residency van NÉNÉ krijgt Afrofuturisme vorm in een driedaags multidisciplinair programma, terwijl Djuwa Mroivili met 'Mx. Coela Cunt will live forever' een première neerzet waarin identiteit en verbeelding samenkomen. In 'Figures of Speech' laten Femke Gyselinck / GRIP en Lander Gyselinck zien hoe ritme zich niet alleen laat horen, maar ook laat zien in lichamen die samen bewegen.
Misschien is dat wat MOMO, ook na al die jaren, zo eigen maakt. Niet dat het je vertelt waar je moet zijn, maar dat het je uitnodigt om af te wijken. In een tijd waarin festivals steeds vaker draaien om zekerheid, kiest MOMO voor ruimte. Ruimte om te dwalen, om te luisteren zonder voorkennis, en om de stad en alles wat daarin gebeurt even anders te ervaren.