Langs Leidse Muziekscholen – deel 1: BplusC
Basdocent Max van Zutphen: “Het is gaaf als mensen boven zichzelf uitstijgen”
Wil je graag zelf muziek leren maken en in een bandje spelen? In Leiden zijn er verschillende plekken waar je dat kunt leren. Maar waarin onderscheiden al die muziekscholen zich van elkaar en wie zijn de mensen die er lesgeven? Zonder uitputtend te willen zijn, gaan we deze zomer langs bij een aantal Leidse muziekscholen en stellen we enkele docenten aan je voor. We trappen af met Max van Zutphen, basgitaardocent en bandcoach bij BplusC.
Iedereen wordt beter
Inmiddels heeft hij al aardig wat bassisten opgeleid. “Ik vind het heel leuk om te zien dat mensen soms dingen van zichzelf ontdekken waarvan ze dachten dat ze het niet konden,” vertelt Max. “Op het moment dat je de tijd met iemand neemt en ook de ruimte geeft om fouten te maken, kun je veel bereiken. Dat hele proces vind ik altijd tof, omdat ik merk dat iedereen ook daadwerkelijk beter wordt. Niet alleen op het instrument, maar ook overkoepelender. Ik zie wat het met mensen kan doen qua zelfvertrouwen: Op het moment dat je beter wordt op zo’n instrument, blijkt dat je meer kunt dan je denkt. Ik heb het idee dat zich dat ook vertaalt naar andere aspecten van iemands leven. Wat ook mooi is om te zien, is als leerlingen helemaal in zo’n instrument gaan duiken omdat ze het alleen maar cooler gaan vinden. En dan ineens met initiatieven komen om in bandjes te spelen enzo. Het is gaaf als je merkt dat iemand echt een beetje boven zichzelf uit gaat stijgen.”
Ik hang de inhoud van mijn lessen op aan muziek die iemand leuk vindt
Voelsprieten
Max is zich er sterk van bewust dat leerlingen voor hun plezier naar basles komen, en doet dan ook niet moeilijk als iemand een keer niet heeft kunnen studeren. “Als docent moet je je goed kunnen verplaatsen in iemand. Echt wel een beetje voelsprieten hebben voor hoe iemand in elkaar zit en daarin mee kunnen gaan. Ik vind het ook belangrijk om in te spelen op iemands belevingswereld. Daarom probeer ik de inhoud van de lessen op te hangen aan muziek die iemand leuk vindt. Dus ik behandel een bepaald nummer of een bepaalde stijl, maar dan zo dat je er technisch of theoretisch allerlei overkoepelende zaken uit kunt halen. Ik denk dat ik misschien meer dan de gemiddelde leraar op de theorie zit, voor een wat steviger begrip van hoe muziek nou eigenlijk in elkaar zit. Omdat je dat breder kunt toepassen dan ‘dit of dat vakje op de hals’. ”Ook vindt hij het leuk om iemands muzikale horizon te verbreden: “Als ik iets in m’n computer heb waarvan ik denk dat het kan aansluiten bij de muzieksmaak van een leerling, probeer ik dat aan te bieden en dan kan het zomaar dat diegene daardoor nieuwe bands ontdekt. Dat is ook iets tofs om mee te geven.” Max maakt al zijn lesmateriaal zelf en is sinds dit muziekschooljaar volledig overgestapt op lesgeven met de laptop. “Fantastisch! Echt een van de beste zetten die ik de afgelopen jaren heb gedaan. Ik ontwerp alle oefeningen min of meer custom, zodat ik er van alles uit kan halen. Die heb ik nu allemaal altijd bij me in m’n laptop en als ik iets moet aanpassen, bijvoorbeeld een nummer in een andere toonsoort zetten, dan gaat dat veel sneller dan vroeger. Bovendien ziet het er veel netter uit dan toen ik alles met de hand uitschreef.”
Flexibiliteit
Als bandcoach gaat hij graag diep in op de nummers die een band speelt, mits iedereen daarvoor in is. “Het kan heel leuk zijn om een hele repetitie aan één nummer te werken. Maar net als bij lesgeven, moet je een beetje aanvoelen wat er kan. Ik probeer nummers te behandelen waar iedereen iets in kwijt kan. Bij covers is het lastig het origineel honderd procent na te bootsen, en ook niet iets wat je moet willen, denk ik. Maar het is leuk als je de sfeer van een nummer zo goed mogelijk weet te benaderen. Ik laat mensen graag kennismaken met de flexibiliteit die je hebt in een band: Kijk er niet van op als een refrein ongepland twee keer zo lang duurt, en let goed op als de drummer gaat aangeven wanneer het laatste rondje komt. En ik leer ze graag iets over de functie van hun instrument in het geheel. In een band merk je heel direct hoe alles moet samenwerken om tot een zinnig totaal te komen.“
Accepteer de 'social' cookies voor deze 'youtube'-embed.
Typisch een bassist
Vooral voor een bassist is dat nuttig, omdat die samen met de drummer een basis legt waarop de andere muzikanten kunnen bouwen. “Hoewel de keuze voor bepaalde noten, het ritme en de techniek waarmee je aanslaat heel bepalend kunnen zijn voor de sound van het geheel, lijken veel mensen zich grappig genoeg vaak niet te realiseren dat er überhaupt basgitaar in het totaalgeluid van een doorsnee muziekstuk zit,” zegt Max. “Pas als de bassist heel duidelijk opmerkelijke dingen gaat doen, of door een technisch mankement het basgeluid juist helemaal wegvalt tijdens een optreden, valt het op dat er ook nog iemand zich met de lage tonen bezighoudt.” Hij merkt regelmatig dat die ondersteunende functie een bepaald type mensen aantrekt: “Ik denk dat het instrument een beetje bij je persoonlijkheid moet passen. Het niet constant op de voorgrond staan, gecombineerd met het feit dat je toch een grote verantwoordelijkheid draagt voor de rest van de band, spreekt mij in basgitaar bijvoorbeeld heel erg aan. Die mindset herken ik opvallend vaak in mijn leerlingen. Dan zit ik in de les tegenover iemand en dan concludeer ik keer op keer, door hoe diegene is en zich gedraagt: 'wat grappig, typisch een bassist'.”
Niet alleen Flea of Jaco
Naast het lesgeven en coachen treedt hij zelf ook veel op. “In het verleden heb ik veel in bands met eigen werk gespeeld. Nu speel ik vooral met coverbands op bruiloften en bedrijfsfeesten. Wat ook tof is trouwens. Je komt soms op fascinerende plekken en krijgt een heel rijk beeld van wat daar is. Je staat tussen de feestende mensen muziek te maken, maar je ziet ook wat er achter de schermen gebeurt en je kunt er moeiteloos tussen heen en weer lopen. En dat in korte tijd op heel veel verschillende plekken. Daarnaast doe ik veel invalwerk, soms een studioklus en eenmalige projecten, zoals laatst het begeleiden van een zestigkoppig koor bijvoorbeeld. Maar ik mis soms wel het creërende proces, dus binnenkort wil ik weer meer eigen muziek gaan maken.” Echt een favoriete muziekstijl heeft hij niet: “Of het nu een supercorny ballad uit de jaren negentig is, of een nieuwe danceproductie. Ik kan heel veel waarderen, allemaal met verschillende argumenten. Bijvoorbeeld omdat het superstrak is opgenomen, of juist heel sloppy. Of omdat het heel ingewikkeld is, of juist weer heel simpel. Ik heb niet echt hele specifieke artiesten die me inspireren, zoals sommige mensen dat hebben met Flea of Jaco Pastorius. Wat zij doen vind ik ook te gek, maar ik ben vooral bas gaan spelen omdat ik het instrument gewoon heel tof vond.”
Accepteer de 'social' cookies voor deze 'youtube'-embed.
Advies
Gevraagd naar een advies voor iedereen die wil beginnen met het bespelen van een instrument, zegt Max: “Ga gewoon beginnen! Mocht je huiverig zijn om meteen op les te gaan, bekijk dan eerst een paar filmpjes op YouTube. Daar staat echt van alles op. Als je het dan nog steeds interessant vindt, boek je een lesje in en dan weet je gauw genoeg of het iets voor je is. Het fijne van de basgitaar is dat het heel laagdrempelig is, in die zin dat je voor nog geen 150 euro al een prima beginnersinstrument kunt aanschaffen waar je jaren mee vooruit kunt.”