Jesse Hoefnagels pakt uit tijdens eerste stop van clubtour
‘Heb elkaar lief, whoever the fuck it is’

Vrijdagavond stond Jesse Hoefnagels in een uitverkocht Rotown vol met fans. Het Rotterdamse poppodium is de eerste stop van zijn clubtour, waarbij hij zijn twee EP’s ‘Wakker in het donker’ en ‘Dichter bij de dag’ vertaalt naar de stage. Hij neemt ons mee in hoe zijn hart gebroken werd en hoe hij uiteindelijk weer licht aan het einde van een tunnel zag.
De avond wordt geopend door een dj-set van de jongens van Nachtleven, bekende gezichten voor fans van Jesses YouTube-video's. Onder een spandoek met ‘NACHT ♡ LEVEN’ draaien ze housebeats en zetten de toon voor een avond vol dans.

Jesse Hoefnagels komt samen met zijn bandgenoten Wern van Geest en Sergio Abdoelrahman het podium op. Zodra ze stuiterend ‘Gedachte’ inzetten, wordt één ding meteen duidelijk: stilstaan is geen optie vanavond. Het publiek pikt dit meteen op door meerdere moshpits te openen door de show heen. De eerste ontstaat al bij ‘Laatste Nacht’, nog aan het begin van de avond. ‘Oké jongens, geloof me, einde van de set gaan we moshpitten. Maar goed enthousiasme, dank jullie wel!’, zegt Jesse. Achter hem flikkert er een tv-scherm met beelden die hij zelf heeft gemaakt. Het bewijs dat Jesse niet alleen de muziek, maar ook het complete visuele plaatje in zijn eigen hand houdt.
Nadat de energieke hits zijn gespeeld, neemt hij een moment om het verhaal achter zijn EP’s uit te leggen. Hij vertelt hoe hij zich ‘bevroren voelde’ en uiteindelijk tijdens het maken van de tweede EP ‘eindelijk ontdooide’. Zodra de laatste, door piano begeleide tonen van ‘Drijfzand’ wegsterven, zegt hij blij te zijn dat het voorbij is. Dit was voor hem het enige spannende moment van de set. Achter de clubbeats kan hij zich namelijk schuilen, maar wanneer die wegvallen, blijven alleen hij en de woorden die gaan over verlies en verlangen. Juist in die kwetsbaarheid schuilt de kracht van het moment.

Die openheid beperkt zich niet tot zijn eigen verhaal. Jesse gebruikt het podium ook om een andere boodschap aan zijn publiek mee te geven. Naar aanleiding van het recente nieuws over de afnemende homoacceptatie onder jongeren benadrukt hij: ‘Heb elkaar lief, whoever the fuck it is.’
Een ander hoogtepunt van de avond is de verrassingsgast, Rhodé Kok. Zij voegt zich bij Jesse op het podium en zingt hun gezamenlijke hit ‘Ongezien’, waarvan het publiek de eerste noten meteen herkent. Even later draait Wern er zelfs een korte remix doorheen, waarbij het catchy refrein nog eens voorbijkomt. Rhodé is niet de enige verrassing van de avond. Jesse trakteert het publiek ook op een nog niet uitgebracht nummer, dat hij samen met producer Ben Walter in Berlijn maakte. ‘Het ligt bij jou’ is een energieke dancetrack over het communiceren met iemand die dat niet kan. Een nummer dat goed past binnen het verhaal dat hij met zijn twee EP’s probeert te vertellen.

Gedurende de avond laat Jesse alle kanten van zijn geluid horen: van elektronische pop en dancepop met house-invloeden tot een vleugje drum-’n-bass. Een paar tracks worden geremixt, zoals ‘Tram 23’ en ‘Laten’. Die laatste heeft zulke harde drops dat de bas letterlijk door je lichaam heen trekt. Tegen het eind van de avond zijn er maar liefst drie moshpits ontstaan, en bij crowd favourite ‘Kapot!’ springt Jesse er zelf middenin. Wanneer de laatste tonen wegsterven, staat Jesse buiten adem, maar kijkt stralend naar het publiek. Gesloopt, maar overduidelijk voldaan.




