
Op donderdag 28 augustus is de negentiende editie van Jazz in de Gracht van start gegaan. Het Haagse jazzfestival vindt plaats aan de Bierkade, Dunne Bierkade en het Groenwegje. Kenmerkend voor het festival is dat de optredens plaatsvinden vanaf het water. De bezoekers kunnen vanaf de kade of zelfs het water van de muziek genieten, terwijl de artiesten op dobberende bootjes optreden. Daarnaast is er ook een podium op de Bierkade. Zowel nationale als internationale artiesten worden uitgenodigd om in deze bijzondere setting op te treden. Ondanks dat jazz bij dit festival de boventoon voert, is er dit jaar ook meer ruimte voor elektronische en alternatieve invalshoeken.



Vroeg op de donderdagavond speelt de elektro-akoestische jazzband Fenix bij het podium op de Bierkade. De band bestaat uit saxofoniste Kika Sprangers, toetsenist Robert Koemans, bassist William Barret en, als invaller voor de avond, drummer Tim Hennekes.
Nadat het publiek aanvankelijk wat terughoudend reageert als Robert vraagt hoe het met iedereen gaat, is de reactie de tweede keer enthousiaster. Het blijft lastig om een koud publiek op te warmen. Al blijft de kou niet lang hangen nadat de band begint met spelen.
Fenix neemt het publiek mee door verschillende nummers, waaruit snel blijkt wat haar sound is: moderne, experimentele jazz met klassieke elementen. De klassieke elementen zijn te horen in nummers die functioneren als een soort jazzstandaard, zoals ‘Locus’ en het afsluitende nummer ‘Faas’. De band speelt het thema, waarna de muzikanten uitstappen naar geïmproviseerde solo’s en uiteindelijk terugkeren naar het thema. Het experimentele is voornamelijk te horen in het gebruik van synthesizers op de toetsen en saxofoon. Dit geeft een interessant effect, omdat de toetsen en saxofoon op specifieke momenten hetzelfde spelen, waardoor ze elkaar versterken.
Het is duidelijk dat deze band uit gevestigde en bedreven muzikanten bestaat. Ook valt op hoeveel plezier de bandleden met elkaar op het podium hebben. Dit ziet het publiek vooral op de momenten waarop de muzikanten met elkaar improviseren en ruimte nemen om naar elkaar te luisteren.


Met twee sets van drie kwartier is het aan het Evelien Slegers Kwartet om de zon onder de horizon te zingen. Een combo van bas, toetsen en drums begeleidt Evelien bij haar zelfgeschreven songs, die veelal geïnspireerd zijn op haar persoonlijke leven. Zo heeft haar performance een vrij klassieke opzet (denk Caro Emerald); als iets bewezen goed is, hoeft het niet anders. En goed was het zeker. Evelien raakt alle tonen loepzuiver en met de stabiele begeleiding van bas en drums schitteren de pianosolo’s over de Bierkade. Het kwartet wisselt moeiteloos van rustige nummers naar songs met een sterker karakter, zoals de afsluiter ‘The mirror doesn’t fold’. Alle nummers verdienen hun plaats op haar aanstaande debuut-EPA Matter Of Luck!

Jazz in de Gracht komt het beste tot zijn recht in de schemering, wanneer de dag overgaat in de avond. Niet alleen de lichten rondom de kade dragen bij aan een zekere knusheid. Ook onder de mensen bruist er iets. Of het nou de mensen zijn die zich langs de kade scharen rondom een optreden, of degenen op het terras die de boel van een afstandje aanschouwen. Daarnaast zijn er nog de enthousiastelingen gekleed in linnen overhemden en broeken die zich klaarmaken om in grote getalen hun rondvaartboot te betreden, waarna zij kunnen genieten van de optredens onder het genot van de rosé die al voor ze klaarstaat.


ROSEYE weet meteen uit deze energiebron te tappen. De drums worden al snel ingezet door Kaspar Petkus. Invallend bassist Matteo Mazzu pakt het ritme op met een fijne groove, waarna de rest van de band invalt.
Frontvrouw Tallulah Rose staat op een kleine verhoging. Dit ‘podium’ weet zij geheel eigen te maken met haar krachtige stemgeluid, saxofoonspel en dans. Op bepaalde momenten is zij zo enthousiast dat de geluidstechnicus zich zichtbaar zorgen maakt of Tallulah niet van de verhoging af zal vallen. Gelukkig is deze spanning het helemaal waard! Tallulah grijpt het publiek met haar zelfverzekerdheid en haar ‘stage presence’. Bootjes blijven om de band heen hangen en de kade is aan beide kanten volledig gevuld.
Deze band kenmerkt zich door haar vermenging van alternatieve soul met jazz. Haar bekende geluid is goed terug te horen in het eerste deel van haar set, met nummers als ‘Ayesha’ en ‘Deep Dive’. Op de voorgrond staan hier Tallulah en gitarist Julek Warszawski, die elkaar afwisselen tussen zang en gitaar- en saxofoonsolo’s door de verschillende nummers heen.
Met de laatste twee nummers ‘Going crazy’ en ‘Likey Likey’ slaat de band de sfeer volledig om naar jazzfusion met zware rock, elektronische en zelfs gospelinvloeden, waarbij de jazz op momenten ook volledig wordt losgelaten. Hier verdient toetsenist Joshua Lutz een bijzondere benoeming, door hoe hij de band op kundige wijze door alle verschillende stijlen meeneemt. Deze nummers maken deel uit van het nieuwe album dat zal worden uitgebracht in maart 2027, waarmee ROSEYE duidelijk laat zien haar geluid nog verder door te ontwikkelen naar iets genreoverstijgends.
Achteraf is één van de bootgangers dusdanig onder de indruk van het optreden dat ze naar de band roept: ‘Hoe heten jullie?’. ‘ROSEYE’, krijgt ze terug. ‘BOSEYE?’. ‘Nee, met een ‘r’!’. ‘BOSARE?’. Hopelijk heeft de bootganger meer succes na het opzoeken van het festivalprogramma.



Shakers, een swingende baslijn en een enthousiaste trombonist. Luna Maki bewijst dat je niet meer nodig hebt om het publiek mee te krijgen. Deze psychedelische afroband verbindt de meer klassieke afrobeat, in de stijl van Fela Kuti, met een moderne mix van afrofusion en jazz.
Frontman Roger ‘The Maki’ Makizodila roept iedereen op hun sociaal-maatschappelijke lasten los te dansen. Hoewel deze boodschap verder wat vaag blijft, weerhoudt dat het publiek er niet van om mee te bewegen op de soepele ritmes van de muziek.
De gitarist speelt melodieuze en ritmische loopjes, terwijl de bassist de hoogtes en laagtes van zijn fretboard verkent. Het drumspel is zo verfijnd, dat het bijna nonchalant lijkt. De warme, lage stem van The Maki brengt sfeer, maar maakt hem over de speakers wat slechter te verstaan. Zodra de trombonist weer begint te spelen, steelt hij de rest van de show met zijn heldere tonen.



Het publiek is warm en opgeladen; de soundcheck verraadt het synthesizerwalhalla dat de toeschouwers te wachten staat. Het is aan Funky Times om de donderdag af te sluiten op de Stage aan de Bierkade. De Duitse band brandt los en trekt het publiek mee in haar roze glitterfantasie. Hannes Pries trekt alle registers open op de synthesizer: glissandi, schurende akkoorden hoog en laag; geen toets is veilig. Haar timing is mede dankzij het strakke spel van drummer Leo Imhäuser vanaf moment één op de milliseconde nauwkeurig. Zijn high-hat heeft een sigaret nodig na deze performance. Later neemt hij het publiek mee met een indrukwekkend snerpend vraag-antwoordspel, maar Julia Lange en Julius Imhäuser overtroeven hem met hun strakke ritmische gitaarsolo’s. De bas van Sebastian Nöcker staat relatief luid afgesteld, wat het geheel ondanks het muzikale geweld succesvol verbindt en het publiek opzweept. Funky Times stapelt funk op funk naar een knallende finale, maar helaas zijn de onweersbuien haar voor. Hoewel het noodweer roet in het eten gooit, zijn de wel gespeelde nummers het natte pak meer dan waard.