Dat anderhalf uur rock voorbij kan vliegen, bewijst DOOL vanavond. Net als je oren dreigen te bezwijken onder het spervuur van gitaren, weet de band perfect gas terug te nemen. Bij ‘House of 1000 Dreams’ bijvoorbeeld, een prachtig nummer over de dromen van kinderen. “Het is niet makkelijk om nu als kind op te groeien en niet te weten of je je dromen ooit kan waarmaken”, vertelt Van Dorst, een moment van bezinning na een eerder hilarisch onderonsje met de kok van de Muziekgieterij, die vanop het balkon zichtbaar meegeniet. Tijdens het nummer valt eens te meer op hoe sterk Van Dorst vocaal is geworden, zowel in de hoge als lage regionen. De zaal, zojuist nog bulderend van het lachen, hangt nu doodstil aan hun lippen. DOOL weet perfect de balans te vinden tussen humor en intensiteit en dat is precies waarom ze blijven boeien. Het slotstuk vormt ‘Oweynagat’, waarin de band laag voor laag opbouwt tot een absoluut waanzinnige climax. DOOL bewijst dat het tot de top van de Nederlandse rockscene behoort, zonder dat het zich in een hokje laat stoppen. De ‘ode aan de ongrijpbaarheid’ blijft fier overeind en ook vanavond is het witte doek dat achter de band schittert met vlagen gehuld in alle denkbare kleuren.