Hoewel, echt heavy metal kunnen we Doodseskader natuurlijk niet noemen, zoals direct opvalt in het begin van de set bij ‘Pastel Prison’. Het nummer begint groovy, maar halverwege is er een ijzige schreeuw die ons verder de diepte van het nummer in sleept. De band zet vanavond een sterke muur van geluid neer en dat met slechts twee man: Tim de Gieter, die we o.a. ook kennen als de bassist van Amenra, en Sigfried Burroughs, o.a. van Kapitan Korsakov. De muziek is keihard, intens en soms zelfs emotioneel. Dat ligt deels aan de complexiteit van de muziek, die je meeneemt in een achtbaan van geluid en emotie, maar zeker ook aan de teksten. De lyrics gaan vaak diep: ze zijn openhartig, eerlijk en introspectief. Zoals in ‘It’s Not An Addiction If You Don’t Feel Like Quitting’: “This is a lifeline? – I’m Drowning / This a goldmine? – I’m starving / This a future? – No thank you / This a fuck up I’ve got used to”. Zoals de band het zelf verwoordt: hun muziek dient als een spiegel voor het leven: soms bruut, soms fragiel, soms geeft het energie, maar het is altijd onverwacht.
De snijdende en brute vocalen van zowel De Gieter als Burroughs, gecombineerd met intense grunts maken vanavond indruk. De Gieter ijsbeert regelmatig over het podium en staart soms dreigend de zaal in. Opvallend is vanavond de mooie uitvoering van ‘Plastic Skin/Warm Flesh’, van de soundtrack van de game Tides of Tomorrow, een spel waarin een dodelijke plastificering dreigt alle levende wezens te doden en het is aan jou als speler van de game om dit te overwinnen. Een nummer met een duidelijke boodschap, dat aantoont dat Doodseskader niet alleen uitblinkt in energieke basdreunen, maar ook een intense lading neerzet in rustigere nummers. Die intensiteit is ook terug te zien in de visuals: we zien steeds levendige, kleurrijke, haast psychedelische projecties, altijd passend bij de sfeer van het nummer, met flarden van songteksten.