CMAT is de leukste artiest van dit moment

Ierse popster komt overal mee weg in Maastricht

  • Bryan Regtop

Je hoeft maar naar de jaarlijstjes te kijken om te zien dat country nog lang niet uitgestorven is: namen als MJ Lenderman, Waxahatchee en Wednesday staan er de laatste jaren toch maar mooi in. Geen country zoals je vader en moeder die kennen van Dolly of Carrie, maar alt-country met een frisse, indie-insteek. CMAT (Ciara Mary-Alice Thompson) voegt daar haar eigen draai aan toe: catchy, pop, ironisch en met een flinke scheut kitsch. In de UK is ze ondertussen één van de grootste sterren van het moment, maar vanavond staat ze gewoon op de planken in een bomvolle Muziekgieterij.

We doen meteen even een fast forwardje naar het einde van de set: ineens staan we met een dikke duizend man te two‑steppen op 'I Wanna Be a Cowboy, Baby!'. Een niet heel indrukwekkend countrypopliedje, maar dat deert niemand: zelfs een vader die duidelijk door zijn dochter is meegesleurd, staat enthousiast met zijn heupen te wiegen. Anderhalf uur lang draait het vanavond om één ding: puur plezier. CMAT neemt het allemaal niet te serieus, en zichzelf al helemaal niet. Toch schuilt er achter het luchtige vermaak genoeg diepgang. Als we even terugspoelen naar het begin van de set, bewijst setopener 'Janis Joplining' – dat ze vanaf het balkon brengt – dat meteen: een introspectief nummer waarin ze haar zangkunsten vol in de etalage zet en zingt over dreigende zelfdestructie.

Enfin, Thompson neemt zichzelf dus lang niet altijd zo serieus. Bij het tweede nummer, ‘The Jamie Oliver Petrol Station’, gooit ze het roer compleet om. Denk: een vinnige, licht Wolf Alice-achtige rockbanger, geïnspireerd op haar irrationele hekel aan Jamie Oliver. Tegen het einde ontspoort het nummer volledig, met een schreeuwende, high-kickende CMAT die alle remmen losgooit. Hysterisch? Misschien. Overdreven? Zeker. Maar de zaal slikt het als zoete koek.

Want CMAT is op haar best – en op haar grappigst – als ze lekker doorslaat. Ze laat theatraal een ijsklontje in haar glas plonzen, ontwerpt ter plekke een (toekomstige) bil-tattoo voor een fan, flirt schaamteloos met vrouwen in het publiek en deelt (lucht)kusjes uit aan bandleden. Grote gebaren, kleine grapjes, het werkt vanavond allemaal. Door al die fratsen zou je bijna vergeten dat de Ierse ook gewoon een arsenaal aan sterke songs heeft.

Want CMAT is ook muzikaal interessant genoeg. Ze speelt slim met contrast. Klassieke countrypop – twangy gitaren, meezingbare refreinen, een lik viool – maar dan scheefgetrokken met indiepop en een flinke dosis ironie.

Neem ‘When a Good Man Cries’: een fonkelende countrypop-banger die door de hele zaal wordt meegebruld. Terwijl ‘EURO-COUNTRY’, van het gelijknamige succesalbum, landt als een soort 80's syntpop-anthem. En niet zomaar eentje, want hoe makkelijk Thompson ook de cabaretkaart trekt, ze schuwt een serieuze ondertoon niet. In dat nummer sluipt een oprechte, bijna pijnlijke kwetsbaarheid binnen, wanneer ze zingt over haar thuisland.

Haar band, The Sexy CMAT Band, is bijna net zo camp als zijzelf: ingestudeerde dansjes, handkusjes, halve duetten – alle hokjes worden netjes afgevinkt. En toch wordt het nergens écht cringy. Dat zegt alles over CMAT op dit moment: ze komt gewoon overal mee weg. Voor een enkeling zal het misschien too much zijn, maar wie bij deze show niet een belachelijk leuke avond beleeft, is waarschijnlijk met het verkeerde been uit bed gestrompeld. Sterker nog: wij durven nu al te zeggen dat CMAT de allerleukste artiest van het moment is.