Van highlife tot hyperpop: conservatoriumlichting laat breedte horen
Zes acts, twintig minuten, één kans om te overtuigen
Afgelopen week tourden zes opkomende en talentvolle acts van zes conservatoria in Nederland langs zes verschillende poppodia onder de noemer Pop College Tour, met vanavond als laatste stop: Tilburg. Van elektronische altpop tot West-Afrikaanse highlife: een bont palet aan genres komt voorbij in korte sets van twintig minuten. Als extraatje spelen er tijdens de pauze nog twee Rockacademie-bands in de foyer. Genoeg nieuw talent te ontdekken dus.
Idrys Kai (Codarts, Rotterdam) trapt, samen met zijn band, de avond af met het energieke Home, hij draagt een Kente, een Ghanese stof die hij sierlijk om zijn schouders en heupen heeft geslagen. Met instrumenten als een bar chime, terre seed shaker en djembe creëert hij samen met zijn band een warme, gelaagde sound. Zijn muziek is een mix van invloeden: van West-Afrikaanse highlife (een genre dat ontstond in Ghana en bekendstaat om zijn dansbare ritmes, gitaren en blazers) tot jazz, R&B en hiphop. Het is pas 19:20 uur en de zaal is nog vrij leeg, maar toch weet Kai direct een groove neer te zetten. Die staat in subtiel contrast met thema’s als mentale gezondheid en zinnen als “the past will always be a part of me”. Hij sluit af met J.U.M.P!, waarin hij de zaal oproept om mee te bewegen. Het publiek geeft daar gehoor aan: we zijn opgewarmd.
Daarna is het aan Lo-Seleen (CVA, Amsterdam), het soloproject van Guusje Walstra, die in 2024 nog onder eigen naam meereisde met de Popronde. Haar set ontvouwt zich langzaam: laag voor laag stapelen synths, gitaren en backing vocals zich op tot een dromerige maar ook licht ontregelende sound. De combinatie van mysterieuze dreampop speelse hyperpop zorgt voor een eigenzinnig geluid waarin melodieën botsen met onverwachte wendingen. De zaal is inmiddels wat voller, maar blijft afwachtend. Walstra reageert daarop door het publiek dichterbij te vragen voor het intieme en meeslepende I’m happy you’re alone. Ze vertelt dat ze pas een jaar bezig is met dit project en dat de nummers ontstonden tijdens het fietsen na een avondje uit in Amsterdam, waarna ze ze thuis op haar slaapkamer uitwerkte. De set lijkt te eindigen met het ingetogencruel, maar niets is minder waar: na een korte pauze barst er alsnog een uptempo hyperpoptrack los, waarna ze het podium verlaat.
Na een kort intermezzo in de foyer begint het optreden van Rhodon Cerise (Conservatorium Haarlem). Haar zeskoppige band is volledig in het zwart gekleed, terwijl Cerise zelf in een witte jurk in het middelpunt staat, een visueel contrast dat mooi aansluit bij haar muziek. Ze beweegt zich in de hoek van alternatieve folkpop, maar daar doorheen klinken duidelijke invloeden van 90’s rock, aangevuld door haar mooie heldere en hoge stem. Halverwege speelt ze Dark Waters, haar debuutsingle en een ode aan de mensen die haar dierbaar zijn. De band speelt met overtuiging en bouwt de nummers zorgvuldig op: van breekbare, bijna fluisterende passages naar intensere uitbarstingen. In de afsluiter van de set breekt Cerise plots uit met een harde schreeuw, een onverwacht moment dat haar dromerige universum even openbreekt. Juist daardoor blijft het hangen en is dit een van de sterkere sets van de avond.
Halverwege de avond vult Salamander (HKU, Utrecht) het podium met koraalachtige decorstukken. Zacht licht valt op de roze decorstukken en geeft het geheel een bijna sprookjesachtige sfeer en ook de kledingkeuze van de band draagt daaraan bij. Muzikaal sluit het naadloos aan: jazzy composities met pop invloeden, verrijkt met instrumenten als trompet en contrabas. Die geven de nummers een licht vintage gevoel, terwijl de bijna poëtische teksten en hier en daar wat hiphop invloeden het juist modern houden. De zang van Noa raakt soms ondergesneeuwd in de mix, waardoor de nummers minder binnenkomen dan ze zouden kunnen, maar de energie en interactie met het publiek maken dat goed. Het voelt alsof ze met elk nummer een klein verhaal willen vertellen met zowel luchtige liedjes als wat kritischere teksten.
We zijn inmiddels al drie uur onderweg wanneer Post Ella (ArtEZ, Enschede) het podium betreedt met een lichte, speelse energie. Hun alternatieve popliedjes, doordrenkt met elektronische invloeden en creatieve sound effects geven de set iets filmisch, alsof je door een schemerig bos dwaalt. Die sfeer wordt versterkt door de hoge, zachte stem van zangeres Juliana Zijlstra, die moeiteloos boven de lagen van synths en gitaren zweeft. Toetsenist Ben Henneböle gaat volledig op in zijn spel, terwijl drummer Ivo Groen strak doorduwt en gitarist Max Risakotta en bassiste Jasmijn Fiselier het geheel kracht bijzetten. De band is duidelijk goed op elkaar ingespeeld. Hun muziek schuurt meer dan je op het eerste gehoor zou verwachten, waardoor de nummers spannend blijven. Hoewel de zaal wat leeggelopen is, blijft de energie van de band overeind en komen de mysterieuze sfeer en sound effects goed tot hun recht hier in de Next.
‘Ons eigen’ Bon Sirah (Rockacademie, Tilburg), oorspronkelijk uit Bergen op Zoom, mag de avond afsluiten. De band rondom frontman Joep Wille spat van het zelfvertrouwen en trekt het publiek direct mee in hun energie en plezier. Hun moderne Britpop leunt hoorbaar op 90’s voorbeelden als Oasis, wat wordt versterkt door hun vintage uitstraling. Toch zit de kracht vooral in de uitvoering: strak samenspel, sterke melodieën en een goed gevoel voor dynamiek. Wille’s heldere stem wordt mooi aangevuld door gitarist/toetsenist Jeremy Koetsier en gitarist Tren Peters, terwijl drums en gitaren de nummers steviger aanzetten. Het is energiek, soms licht melancholisch, maar vooral meeslepend. Waar eerdere acts het publiek nog niet altijd in beweging kregen, lukt dat hier wel: de zaal komt los en voor even voelt het alsof iedereen onderdeel is van het optreden.