Schaaldieren, hamers, maar geen spook

IJzersterke The Garnals vieren hun tweede ep-release

The Garnals

Het is vrijdag 22 mei en de eerste zomerse dagen van 2026 zijn vroegtijdig aangebroken. Arnhem wordt overspoeld met oververhitte concertgangers waarvan de meesten richting Gelredome naar Suzan & Freek gaan. De warmte vindt echter ook haar weg naar Willemeen, waar de Arnhemse band The Garnals de release van hun tweede ep No Ghost viert, met support van Christopher Walkman.

Tekst: Jaxxon Alta, foto's: Yuri Keukens

Op verrassend nonchalante wijze bijten de nummers van Christopher Walkman het spits af vanavond. Onder leiding van Chris Kalkman speelt de band een scala aan hun nuchtere slacker-rock. Kenners weten dat deze lokale legende al lang meegaat, maar pas sinds 2024 een volledige band om zich heen heeft verzameld. Met deze drie medespelers - Joel Amahorseija op bas, Arnoud Lievers op drums en Bram Derksen op gitaar - ontstaat er een symbiose gelijk de barstende creativiteit van slacker-rock legendes Pavement en de ruige randjes van indie-rockband Pile. Richting het einde van de set leren we dat het nummer 'Paranoid' tot stand kwam uit angst dat een partner zou vreemdgaan (“You gotta ride it alone, she is never coming home”), een die onterecht bleek omdat ze inmiddels 10 jaar samen zijn en zelfs samen een kindje hebben.

The Garnals
© Yuri Keukens

Nu dat de zaal letterlijk en figuurlijk opgewarmd is, komen de bandleden van The Garnals geleidelijk het podium op. Eerst Guus ten Klooster (bas) die aandachtig een fundament van aanzwellende power chords speelt. Jelle Haagsma op leadgitaar volgt en stuwt met dromerig en gelikt gitaarspel voort. Tenslotte betreden Lasse Schothorst op drums en Twan Stoffels op gitaar en zang het podium. De heren laten hun meeslepende introductie overvloeien in ‘Don’t’: een zijdezacht en introspectief intermezzo van de kersverse ep. De onderlinge chemie spat er overduidelijk van af.

Het kwartet speelt garagerock met een psychedelisch randje, maar het is de spanning in de ritmische spelingen en de stuwende mijmering die The Garnals onderscheidt. Ze balanceren de nonchalance in hun podium presentatie met ontzettend strak samenspel en laten het nog makkelijk lijken ook. De eerste gitaarlijn van ‘Hannah’ doet gelijk denken aan klassieke psychedelische jams van The Black Angels en The Brian Jonestown Massacre. Halverwege het nummer nemen we een afslag om in te haken op het tekstuele thema: de slechte trip waarin de ik-persoon zich bevindt (“When I'm stranded on a bad trip … Hannah with her hammer trying to crash my landing”). Het is dus Hannah die met haar hamer ons van het gebaande pad verjaagt. Resoluut keren we terug naar die overheerlijke riff, helaas ditmaal met Hannah die ons achternazit. Ach ja, je kan niet alles hebben.

The Garnals
© Yuri Keukens

Bij de titeltrack ‘No Ghost’ - een mini-maalstroom - botsen menig The Garnals merch dragende torso's tegen elkaar op. De hardere nummers contrasteren uiterst goed met de psychedelische en droomachtige zijde van hun discografie. Ook vinden we een meezinger in ‘Good Time’ die live op kleurrijke wijze met volledige band wordt versterkt. De aanstekelijke tekst (“Oh why oh why”) blijft achter als een echte oorgarnaal of oorwurm, een van de twee.

Er strijkt een vragend akkoord op uit een turquoise Fender Mustang waarmee we alweer bij het laatste nummer 'Endless Efforts' zijn. "Awww" reageert het publiek. “My brain! My busy busy brain!” luidt de hook van de afsluiter die over de consequenties van futloosheid lijkt te gaan. We zijn het echter niet eens met leadzanger Twan wanneer hij zingt: “I can’t be counted on again.” Met The Garnals kun je rekenen op een enerverende avond, rijk aan intrigerende ritmes, dansbare momenten en verrukkelijk samenspel. Dit alles met een signatuur en eigenzinnigheid waar je voor terug blijft komen.