Die vervloekte tweede plaat, hè… Ga er maar aan staan als je als een komeet de lucht inschiet als band. The Strokes hadden er moeite mee, Arctic Monkeys hield stand, Bloc Party zonk kopje onder en The Kooks drijven nog altijd op de golven van hun debuutplaat, zagen we gisteren. The Last Dinner Party zal er snel achterkomen: over twee maanden ligt hun tweede plaat in de winkel en de verwachtingen zijn, zacht uitgedrukt, torenhoog. Na de massale lofzang op Prelude to Ecstasy wacht nu het grote examen.
Gewapend met een flinke greep uit hun debuutalbum stormt het Londense gezelschap uit de startblokken: ‘Burn Alive’ opent met drama maar wordt nergens overdreven theatraal. ‘On Your Side’ trekt niet veel later de emotionele registers open, terwijl ‘My Lady Of Mercy’ bewijst dat de band ook ronkende gitaren in huis heeft. Je zou bang kunnen zijn dat The Last Dinner Party op deze grote Mainstage wat onwennig zou kunnen aanvoelen: de songs zijn prachtig, zeker - barok, bombastisch, stijlvol - maar echte hits zijn er nauwelijks. Behalve dan ‘Nothing Matters’, helemaal aan het eind verstopt, en loeihard meegezongen door het hele veld.
Maar monsterhits of niet: live valt er geen speld tussen te krijgen. In ‘Second Best’ toont Abigail moeiteloos waarom ze tot de interessantste frontvrouwen van dit moment gerekend wordt: haar stem gaat van fluisterzacht tot Kate Bush-achtige tonen, zonder ooit de controle te verliezen. De band legt eronder een bed van gitaarlijnen en toetsen ten alle tijden meeslepend klinkt. Ook qua présence staat het als een huis: één handgebaar en het veld gaat mee, en die catwalk lijkt gemaakt voor haar dramatische poses. Je voelt dat hier een groep staat die haar plaats op de Mainstage waarmaakt. Komt die tweede plaat straks met een paar extra knallers, dan ligt de weg richting toekomstige headlinerplekken wagenwijd open.