Vermoeide bejaarden beuken de boel omver: "Was dit ff een feestje?!"

Night of the Rhino in Vera's kelderbar

Band speelt op het podium tijdens een concert in Groningen vera
  • Alex van der Meer

Aan het eind van het optreden klinkt het vanaf het podium alsof Night of the Rhino nu toch echt aan het einde van zijn Latijn is. Er wordt om een toegift geschreeuwd, maar “de bejaarden zijn moe.” Dat zou je bijna geloven, ware het niet dat de Groningse punk-rockers vervolgens nóg een laatste nummer uit de speakers persen alsof de avond pas net begonnen is. "Was dit ff een feestje?!" roept drummer Sjakie Tesselaar zichtbaar tevreden de Kelderbar in. Intussen doen wij een snelle inventarisatie. Werken de knieën nog? Zit de schouder nog waar hij hoort? Telefoon... check. Camera... check. Bril... ook nog. Wonder boven wonder lijken alle ledematen nog aanwezig. Hier volgt ons overlevingsrapport.

Night of the Rhino ontstond in 2021 uit de resten van Mad Wizard, toen zanger Remco den Ouden besloot de gitaar op te pakken en samen met drummer Sjakie Tesselaar en bassist Bas Vos een nieuwe band begon. Sindsdien lijken de Groningers ongeveer ieder alternatief podium, festival, buurthuis, achtertuin en kraakpand in Noord-Nederland te hebben aangedaan. Wie regelmatig bij punkoptredens in Groningen komt, is Night of the Rhino waarschijnlijk al eens tegengekomen. Dat ze nu eindelijk de Kelderbar van Vera aandoen, voelt eigenlijk als een logische volgende halte.

Bekende rouwdouwers, hitte en een keiharde knal

Bij binnenkomst zijn de gebruikelijke rouwdouwers die steevast opduiken wanneer een optreden de potentie heeft volledig uit de hand te lopen al present. We weten: dit wordt geen avond waarop mensen met boomer-mindset netjes met een speciaalbiertje tegen de muur blijven leunen. We maken onze borst nat, al gaat dat ook vanzelf, het is nu al bloody hot hier. En knallen? Dat doet het ook al snel. Zelfs voordat de band begonnen is. Een lange bezoeker wil nog even naar buiten, maar ontdekt dat de gewelven van de Kelderbar niet zijn ontworpen voor de Big Mac-groeihormoongeneratie. Zijn voorhoofd knalt tegen een gewelf. Hij moet op de grond zitten, dat kwam hard aan.

Bier en koffie

Night of the Rhino past net op het kleine stukje vloer dat vanavond als podium dient. Sjakie draagt een Jammah Tammah-shirt, een teken dat hij van een wat oudere generatie is, maar dat was zonder dat shirt ook wel zichtbaar. Hij bedankt iedereen voor de komst en vraagt zich hardop af hoeveel mensen er nog over zijn als de set voorbij is. Achteraf blijkt dat geen slechte vraag.

"Eerst maar een bakkie doen," klinkt het. Prioriteiten. Veel nummers van de band gaan over koffie, nog veel meer gaan over bier. Vanaf het eerste nummer is het raak. De pit komt direct op gang en zal eigenlijk geen moment meer stoppen. Er wordt meteen al geduwd, gevallen, gelachen, opgeraapt en vrolijk verder gebeukt. Het is chaos. De cafeïne-injectie werkt. “Broek uit,” schreeuwt iemand uit het publiek. 

Muzikaal kiest Night of the Rhino zelden voor subtiliteit. De meeste nummers schieten als een mitrailleur de zaal in: snel, hard en recht vooruit. Toch is er voldoende variatie om de set spannend te houden. De Nederlandstalige nummers blijken misschien wel het leukst. De ironische ode aan de Vinexwijk - "Het is hier saai!" - voelt in een zweterige en beukende Kelderbar juist heerlijk misplaatst. Iedereen doet enthousiast mee, alsof niemand ooit in een Vinexwijk heeft gewoond.

Het nieuwe nummer ‘Universe… and Beyond’  springt er eveneens uit. Minder opgejaagd in het begin, zwaarder van groove, bijna grungy zelfs. Psychedelisch met heerlijke tempowisselingen. De stevige bas van Bas trekt het nummer vooruit, waarna de band weer moeiteloos terugschakelt naar volle snelheid. Tussen de nummers door is er gelukkig net genoeg tijd om nieuwe onzin te bespreken. "Iedereen is in de stemming, behalve mijn gitaar." Teksten als "Als je kunt genieten maar je doet het niet, ben je verkeerd bezig”, werken uitstekend. Het is precies die Groningse-worst droogheid die de band sympathiek maakt.

De Kelderbar ontwikkelt zich ondertussen tot een klein rampgebied. Op een gegeven moment grijpt iemand uit het publiek zelfs de microfoon om een dringende mededeling te doen: of iemand misschien een telefoon heeft gevonden. Na een uur Night of the Rhino is het eigenlijk verrassender als je álles nog bezit. 

En dan de valpartijen.

Niemand blijft liggen. Dat is mooi. Iedere keer steken er direct meerdere handen uit om iemand overeind te trekken, waarna de volgende bewuste beukpartij zich alweer aandient. Intussen ontdekken wij dat verslaglegging in deze Kelderbar verrassend veel overeenkomsten vertoont met oorlogsjournalistiek. 

Band speelt op het podium tijdens een concert in Groningen vera
© aphfotografie Anne Ploeg-Hazenberg/aphfotografie

Wanneer de band na het laatste nummer aankondigt dat "de bejaarden" moe zijn, gelooft niemand daar iets van. Natuurlijk volgt er een toegift, hun allereerste nummer uit de lockdownperiode: ‘Lockdown’. Minder relevant geworden wellicht, maar het klinkt nog steeds urgent. Natuurlijk gaat de pit nog één keer volledig los.

Pas bovenaan de trap, dringt langzaam door wat zich zojuist heeft afgespeeld. Achter ons horen we iemand ietwat ongerust constateren:

"Ik ben echt héél hard gevallen."

De grenzen zijn opgezocht. De blauwe plekken zullen morgen inventariseren waar precies. 

De bejaarden mochten dan moe zijn, de Kelderbar was dat duidelijk niet. Night of the Rhino speelde geen feilloze set. Dat hoefde ook helemaal niet. Punk draait niet om perfectie. Het gaat om kapot gaan. En vervolgens weer opstaan.