Meyendel zoekt de ruimte tussen muziek en verhalen
Van familiebanden en het gevoel ergens thuis te horen tot onrust en conflicten in de wereld

Op hun debuutalbum bundelt Meyendel acht persoonlijke verhalen. Tijdens de release in PAARD krijgt het duo gezelschap van een volledige bezetting en literaire voordrachten.
Acht nummers, verzameld over een paar jaar. Sommige verschenen al eerder, andere vinden nu hun plek op het debuutalbum van Meyendel. Bandleden Ingmar Spaaij en Jesse Evers presenteren de plaat op 24 oktober in de Kleine Zaal van PAARD, met een volledige band én ruimte voor verhalen en poëzie. Singer-songwriter Tiny Snail Kid en toneelschrijver, dichter en prozaïst Lena Plantinga verzorgen de support.
Acht verhalen, geen handleiding
De nummers gaan over zoeken. Naar een thuis, naar liefde, naar familie of naar je plek in een wereld die niet altijd even overzichtelijk is. Een conceptalbum is het niet; de liedjes vormen samen een verzameling indrukken en gedachten, zonder dat alles tot één sluitend verhaal hoeft te worden gemaakt.
Die openheid is bewust. Spaaij en Evers willen hun luisteraars niet voorschrijven wat ze uit de nummers moeten halen. De verhalen komen voort uit persoonlijke ervaringen en observaties, maar mogen onderweg van betekenis veranderen. Zoals ze zelf aangeven: "de muziek hoeft niet alles uit te leggen".

Dat betekent niet dat de liedjes de wereld buiten de deur houden. In ‘De verademing’ speelt een Haags stadspark een rol, net als het gevoel van veiligheid op straat. ‘Niemandsland’ kijkt verder over de grens en raakt aan internationale conflicten, wereldpolitiek en de manier waarop de media daarover berichten.
Het zijn onderwerpen die zich niet altijd gemakkelijk laten vangen in een liedje. Toch zoeken Spaaij en Evers juist daar naar een vorm die ruimte laat voor twijfel en eigen gedachten.
Hun protest is eerder zacht dan uitgesproken. De muziek mag iets in beweging zetten, zonder dat we meteen met een kant-en-klaar standpunt komen. Wie alleen wil luisteren, kan dat doen. Wie verder wil denken, krijgt daar alle vrijheid voor.
Van duo naar volledige band
Meyendel begint bij Spaaij en Evers. De twee schrijven en nemen de nummers samen op, waarbij ze in de studio verschillende lagen aanbrengen. Op plaat kunnen ze zo precies de sfeer neerzetten die ze voor ogen hebben. Live vraagt dat om een andere aanpak: sommige arrangementen hebben simpelweg meer handen en instrumenten nodig.
Daarom wordt Meyendel op het podium uitgebreid met vier muzikanten. Met zes mensen ontstaat er ruimte voor meer dynamiek en een voller geluid, zonder dat de nummers hun persoonlijke karakter verliezen. Het is een andere manier om dezelfde liedjes te laten spreken.

De show in PAARD is daarin een volgende stap. Meyendel speelde eerder ook in intiemere settings, waaronder kerken. Daar past de muziek goed bij de nabijheid en de aandacht van het publiek. In de Kleine Zaal mag het geluid nu groter worden. De band wil ontdekken wat er gebeurt wanneer de nummers meer ruimte krijgen en de live-uitvoering wat bombastischer mag aanvoelen.
Dat vraagt om vertrouwen. Niet alleen in de songs, maar ook in elkaar. Spaaij en Evers werken vanuit een organische samenwerking waarin verschillen besproken kunnen worden. Het duo hoeft het niet overal meteen over eens te zijn om samen tot iets te komen.
Kunst die verder kijkt dan de muziek
Ook het artwork draagt bij aan de wereld rond het album. Daarvoor werkt Meyendel samen met Marlies Gross. De samenwerking loopt inmiddels zo’n twee jaar. Gross maakte eerder al het artwork voor een EP en losse singles, en is nu opnieuw betrokken bij de albumrelease.
In haar werk gebruikt ze natuurlijke materialen, waaronder beukennootjes en zeewater. Het resultaat is geen letterlijke illustratie van de nummers, maar een eigen interpretatie ervan. De beelden voegen een nieuwe laag toe aan de muziek: ze wijzen een richting aan, zonder de betekenis vast te leggen.

Die wisselwerking tussen verschillende kunstvormen komt ook terug tijdens de releaseavond. Naast de live-uitvoering van het album is er ruimte voor voorgelezen verhalen en poëzie. Daarmee zoekt Meyendel bewust het grensgebied op tussen muziek en literatuur.
Een lied kan een verhaal vertellen, maar een tekst op papier of een voordracht kan weer iets anders losmaken. De avond draait niet alleen om het presenteren van een plaat, maar ook om wat er ontstaat wanneer die vormen elkaar ontmoeten.
Uiteindelijk hopen Spaaij en Evers dat hun muziek iets van rust teweegbrengt. Dat mensen even vertragen, aandachtiger luisteren en misschien met een nieuwe gedachte naar huis gaan. Geen grote belofte of pasklare les. Eerder een klein zetje om anders naar jezelf of de wereld te kijken.

