Inktvis Literair Festival: spuibuien en dansende dichters
Een festival waar je zelfs aan drie harten niet genoeg hebt om alle emoties te voelen

Beschrijf mij, O redacteur, het verfrissende festival, dat vele kunsten samenbracht, en in een bloeiende binnentuin woorden deed ontpoppen, al dan niet door tonen vergezeld. Wij zagen vele dichtvormen, en voeren van droef naar dwaasheid en van hoon naar hartstocht. Maar ook bands en solisten bekoorden ons door en door: Lonn en John-Lewis, Daydream Motel en Mazis.
De middag begon ik als banneling, geketend achter een loket, verwoven in het festival zelf als gids voor de tentoonstelling van TROEF. Een evoluerende expositie, What Have We Here, waar een reeks artiesten steeds hun eigen interventie aan voegden. Zelf kon ik slechts statisch staan luisteren naar flarden van voordrachten en felle gedichten, dwarrelend door een openstaande deur. Lonn was het lichtpunt, een guller geluid van een tweetal muzikanten met bedaarde gitaar en frivole viool. De liedjes doen een dagboek open, persen de zoetsappigheid eruit tot er een poëtische pit overblijft, en alhoewel het niet de flair heeft van een voltallige band, valt de resonante samenzang tot in mijn gekozen gevangenis te horen.
Een pauze staat me een rondgang langs de overige activiteiten toe: een boekenruil, een wedstrijdje wegstreepdichten, een bar, een tent waarin je geen inkt maar verf mag spuiten om Jackson Pollock na te bootsen, een kleine televisie met een video performance op loop, en een vernuftige Inktvis-decoratie aan het balkon die in de avond op zal gloeien. Het was kort, en kermend wordt ik weer teruggezogen naar mijn dom getimede dienst, precies als Mazis het podium beklimt. Kort en kermend zijn ook de woorden die ik voor zijn gesplitste set zou gebruiken. Hij plukt delicaat aan zijn gitaar, akoestisch doch imponerend, elk nummer een zinnige zwelging in gezonde en minder gezonde emoties. Het grootste gedeelte mis ik echter in mijn verkozen verdomhoek. Vol schaamte ga ik langs huis om mijn verdriet te vereten (geen spelfout).
Terwijl Bas zijn maaltijd in schaamte eet, vervolgt hij het artikel na de foto's.
Dichters in woord en beeld
Drie harten zijn nog niet genoeg
Met verorberde zorgen keer ik terug naar het terrein voor het avondprogramma, dat een meer sedentaire air heeft. De gedichten blijven genadeloos komen, vol van galgenspui en overige humores. Spoken word die haast geblaft wordt, kietelende beeldtaal in elk mogelijk metrum, stijlfiguren waarvan je steil achterover slaat: ze hadden een dichter moeten sturen als verslaggever.
John-Lewis, die op zijn streep staat, is meer in onze straat. Hij maakt folk die qua inhoud zo voor een smartlap door zou kunnen gaan, maar wel met vreugde. Als voorprogramma voor Chef'Special is de man niet de minste. Gezalfde spraakzang en aangedikte intonatie in de stem in het begin, dan door naar een ballad over bezopen verdriet. Elke deelnemende kunstenaar moest een sleutelwoord over zijn of haar werk meegeven (Podium Sleutelwoord is immers de organisator), en voor John-Lewis is dat 'openbaring'. Na een streng afgenomen call-and-response volgt weer een simpelere melodie die door de croon te doen is. We eindigen met een anthem, waarna Amara Gabriëla zichzelf op toetsen begeleidt in een performance die veel te snel voorbij is en wordt onderbroken door meeuwen (een politieke metafoor misschien?).
Inmiddels zorgt de schemering voor een metamorfose als in Ovidius (of Jambers). Sfeervol verlicht kan Daydream Motel de dichters aan het dansen krijgen, met altrock die een doorsnee lijkt van de zeroes. Het publiek pogot op een stuk ter grootte van een parkeervlak, en de zangeres gaat even naast het krappe podium zitten (drumstel ligt wat lager om die reden). 'The Lighthouse' heeft een chille chorus die je terug kan schreeuwen, en 'Buffy' is verrassend funky (godzijdank zijn de lyrics vrij van excessieve Whedonismes). Het duistere randje en thema's als geen voorbeeld willen zijn voor je jongere broer of zus: ze geven een aangename nostalgie naar dat concert waar je als middelbare scholier je eerste kaartje ooit voor kocht. Inktzwarte afsluiter, van een festival waar je zelfs aan drie harten niet genoeg hebt om alle emoties te voelen.
























