De zaterdag van Baroeg Open Air 2026
Vandaag lijkt de Baroegiaan verrassend veel te lusten

Op zaterdag doet Baroeg Open Air meer dan het vertrouwde domein van gitaren, blastbeats en moshpits bedienen. Rotterdamse hardcore en black metal delen het terrein met elektronica, punkrap en activistische nederpop.
De pit op scherp
Bij aankomst zet TIGERKNIFE de toon. Voor het podium komt de bas binnen als een stomp in de maag en bepaalt die meteen het ritme van de moshpit. De gitaar klinkt ondertussen niet alsof die met tien vingers wordt bespeeld, maar met een roestig mes dat het publiek scherp houdt. Zo voorkomt de Rotterdamse band dat de pit vervalt in hersenloos duw- en trekwerk. Terwijl zanger Thomas van den Bogaert zijn rauwe hardcore over het veld uitspuwt en het publiek tot crowdsurfen aanspoort, komt de zaterdag langzaam op stoom.


Een podium verder blijkt herrie geen gitaren nodig te hebben. Op de Electronic Stage laat BUG slopende beats en rap botsen met riffs en samples van The Prodigy en zelfs Ride of the Valkyries. YoungRubbi komt alvast langs voor een voorproefje van de chaos die later volgt. Die genrevermenging is geen uitstapje, maar de rode draad van de dag: op Baroeg Open Air blijkt elektronisch geweld minstens zo hard aan te komen als een gitaarmuur.
Dat de oude wetten ondertussen nog altijd gelden, bewijst Lijkschouwer in de hete zon. Geen onheilspellende intro, maar direct riffs en blastbeats. Bij Carving the Augury neemt de band gas terug en het publiek temporiseert moeiteloos mee. Een moshpit blijft uit, zoals het black metal betaamt, maar aan intensiteit ontbreekt het niet. Drummer Gijs gebruikt het podium bovendien voor een oproep tegen fascisme, volgens hem nog altijd broodnodig in de metalscene.

Metalheads lusten ook vis
Bij Gladde Paling komen de werelden voor het eerst echt samen. Yes-R, Snollebollekes en Nick & Simon worden met keiharde beats opgediend, en niet alleen Gen Z hapt toe: ook de metalhead met battlejacket lust een stukje vis. In de tent hangt vanaf het begin een nerveuze verwachting, alsof iedereen weet welke verrassing eraan komt. Zodra Europapa wordt ingezet, verschijnt Joost Klein in een bomberjack van Rotterdam Terror Corps. Even zijn de doorgewinterde Baroegiaan en de nieuwe generatie gabbers één publiek.


Wat bij BUG nog een voorproefje was, groeit bij YoungRubbi uit tot vleesgeworden waanzin. Hij bouwt een krakerspand op het podium, vol ‘rotzooi’ en maatschappijkritiek. Onder een doek staat een kooi en zodra de oproep ‘Laat het beest uit de kooi!’ klinkt, duikt een roze gevaarte de pit in. Of beter: het maakt de pit. Vrienden zwermen over het podium en door het publiek, backflips en anarchistische rapteksten volgen elkaar op. De show is all over the place, maar juist na de beheerste intensiteit van Lijkschouwer voelt die primitieve ontlading op zijn plaats.

The Bloody Beetroots trekt die collectieve roes door. Achter de tafel staat één helft van het Italiaanse dj-duo, precies tussen de twee vleermuizen van Baroeg. Metalriffs kunnen hier zomaar omslaan in Bach; onder de lichtshow en het onophoudelijke geblaas uit de speakers ontstaat bijna een hivemind. Wanneer Jump van Van Halen wordt gesampled, springt de hele tent synchroon. Voor even lijkt iedereen dezelfde gebruiksaanwijzing te hebben gekregen.

Fat Dog spreekt de tent toe
Wat hebben we vandaag allemaal al gezien? Black metal, punkrap en allerlei elektronisch geweld. Nu is het tijd voor iets anders: iets primitiefs en dansbaars. Ja, er zijn gitaren, drums en bas, maar ook trommels, viool, synth en saxofoon. Dit alles is geen poespas, maar Fat Dog: een zevenkoppige draak die de tent in de fik komt zetten. Frontman Joe Love is vanaf het eerste moment vaker vóór het podium te vinden dan erop: boven het publiek of ertussen, waar hij zich kroont tot ware King of the Slugs.
Vocaal laat Love zich leiden door de viool en synth, die de nummers groots maken, terwijl hij zich met rauwe stembanden - telkens gesmeerd met een goed gevuld blik bier - het publiek in smijt. De dancepunk krijgt vaart door de overstuurde gitaar en bongo’s. Om de paar minuten komt er een lichaam boven de hoofden voorbij gecrowdsurft; vooral jonge kinderen maken hier hun eerste vlieguren.

De saxofoon fungeert als onheilspellende boodschapper van de waanzin, want zodra Morgan Wallace echt losgaat, is de tent niet langer van Joe Love. De zanger pakt de regie terug door opnieuw het publiek in te duiken en een sitdown in te zetten. Onder zijn leiding en op het ritme dat van achteren door de tent blaast, ontstaat als vanzelf een heksenkring. De bezwering van Fat Dog is geslaagd.


IJSLAND komt tot uitbarsting
Breaking news: er wordt een muur om IJSLAND gebouwd. Of nou ja, dat denken de mensen die al vroeg bij het podium staan tenminste. Geen zorgen: het is een verhoging, een soort tweede podium. Toen IJSLAND werd aangekondigd, waren veel mensen verbaasd. De eerste vraag die wij ons stelden: past het grootste activistische geluid van de nederpop bij de Baroegiaan? Dit is geen Lowlands. Dit is rauwer. Dit is Baroeg.

Maar voor Abel als punker is het misschien ook wel een beetje thuiskomen, en Sef geniet zichtbaar wanneer hij pal voor het publiek gaat staan. Blijkbaar heeft IJSLAND ook een goede golfslag, gezien de manier waarop er op handen wordt gesurft. Tussendoor grapt Abel: ‘Wie komt er voor Fear Factory?’ Het publiek is misschien iets jonger en iets meer flowerboy, maar ook de doorgewinterde Baroegianen gaan mee met de 'Tijdsgeest' van IJSLAND. Terwijl Faisel zich opnieuw bewijst als samplemagiër, springt Abel het publiek in om op de handen te gaan staan. Buiten regent het, binnen onweert het tijdens CHAMPAGNE.


De moshpit gaat open en wanneer Het proletariaat begint, vraagt Abel wie er in de haven werkt. De grond begint te beven als bij een IJslandse vulkaanuitbarsting. Het proletariaat is gevierd, koppen hebben gerold. En om terug te komen op de vraag ‘Past IJSLAND bij de Baroegiaan?’: het is een hete take, maar het antwoord is definitief ja!